ECLI:NL:GHARL:2025:8716

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
13 november 2025
Publicatiedatum
9 januari 2026
Zaaknummer
P25-274
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging van terbeschikkingstelling met een termijn van één jaar in verband met recidiverisico en waanstoornis

In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 13 november 2025 uitspraak gedaan over de verlenging van de terbeschikkingstelling van de terbeschikkinggestelde, geboren in 1991. De rechtbank Gelderland had eerder op 27 juni 2025 de terbeschikkingstelling met twee jaar verlengd, maar het hof heeft deze beslissing vernietigd en de terbeschikkingstelling met één jaar verlengd. De terbeschikkinggestelde heeft een waanstoornis en een autismespectrumstoornis, wat leidt tot een hoog recidiverisico, vooral in verband met stalkinggedrag. Ondanks dit risico, schat de reclassering in dat de terbeschikkinggestelde zich niet opnieuw schuldig zal maken aan het benaderen van het slachtoffer, omdat hij zich bewust is van de gevolgen voor zijn behandeling. Het hof heeft de voortgang van de behandeling in de gaten willen houden en daarom de verlenging beperkt tot één jaar. De terbeschikkinggestelde heeft aangegeven dat hij zich aan de voorwaarden houdt en hoopt uiteindelijk bij zijn vader te kunnen wonen met ambulante begeleiding. De advocaat-generaal heeft ook gepleit voor een verlenging van één jaar, rekening houdend met de vastgestelde stoornissen en het recidivegevaar. Het hof heeft de beslissing van de rechtbank vernietigd en de terbeschikkingstelling verlengd, waarbij het hof de nadruk legt op de noodzaak van voortdurende monitoring van de terbeschikkinggestelde.

Uitspraak

TBS P25/274
Beslissing van 13 november 2025
De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van
[terbeschikkinggestelde],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,
verblijvende in Forensisch Psychiatrische Afdeling [locatie] , verder te noemen: de terbeschikkinggestelde.
Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 27 juni 2025. Deze beslissing houdt in de verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.
Het hof heeft gelet op dezelfde stukken als de rechtbank en daarnaast op:
  • het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;
  • de beslissing waarvan beroep;
  • de akte van 30 juni 2025 waarbij de terbeschikkinggestelde beroep heeft ingesteld;
  • de aanvullende informatie van Reclassering Nederland van 16 oktober 2025, met als bijlage het voortgangsverslag van 4 september 2025;
  • het e-mailbericht van mr. A.J. Sprey van 24 oktober 2025, inhoudende aanvullende correspondentie inzake de terbeschikkinggestelde.
Het hof heeft ter zitting van 30 oktober 2025 gehoord de advocaat-generaal, mr. A. Kooij, en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman, mr. A.J. Sprey, advocaat te Amsterdam. Tevens is gehoord mr. P.H. van Gils namens het slachtoffer [slachtoffer] .

Overwegingen

Het standpunt van de terbeschikkinggestelde
De terbeschikkinggestelde verblijft sinds augustus 2025 op [afdeling] . Hij kan zich enigszins vinden in de diagnose autismespectrumstoornis. De diagnose waanstoornis vindt hij overtrokken. De afgelopen 3,5 jaar heeft hij geen contact opgenomen met het slachtoffer. Hij gaat dit ook niet doen. De terbeschikkinggestelde erkent dat hij de overtuiging blijft houden dat hij en het slachtoffer voorbestemd zijn en dat hij hoopt dat hij toch een keer samen kan zijn met haar, maar hij houdt zich aan de voorwaarden, want hij weet dat hij in de problemen komt als hij de voorwaarden overtreedt. De terbeschikkinggestelde wil uiteindelijk bij zijn vader gaan wonen, met ambulante begeleiding.
De raadsman heeft verzocht de duur van de terbeschikkingstelling te beperken tot één jaar. Daarbij is aangevoerd dat het van belang is dat de voortgang van het traject van de terbeschikkingstelling wordt getoetst en dat het van belang is dat er op korte termijn een rapport wordt opgemaakt door (bij voorkeur) een psychiater nu er vraagtekens zijn bij het nog altijd hoog ingeschatte recidiverisico. Aan de terbeschikkinggestelde is ook een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel in de zin van artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht opgelegd. In het kader van deze maatregel kunnen ook eventuele risico’s worden ondervangen. Dit is een extra argument om de verlenging van de terbeschikkingstelling te beperken tot één jaar.
Het standpunt van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft verzocht de beslissing van de rechtbank te vernietigen en de terbeschikkingstelling te verlengen voor de duur van één jaar. Gelet op de vastgestelde stoornissen en het recidiverisico dat nog steeds aanwezig is, moet de terbeschikkingstelling worden verlengd. Er zijn echter wel nuances te geven op het recidiverisico. Het risico op stalkinggedrag komt voort uit de waanstoornis. Dat is onveranderbaar. De terbeschikkinggestelde geeft aan dat hij inmiddels snapt dat hij geen contact moet zoeken, omdat hij vindt dat het contact vanuit het slachtoffer zelf moet komen maar ook omdat hij beseft dat hij daardoor in de problemen kan komen. Er is geen sprake van risico voor fysiek gewelddadig handelen. Het gaat goed met de terbeschikkinggestelde op een afdeling met een lager beveiligingsniveau, terwijl hij inmiddels weer over gegevensdragers beschikt. Op grond van deze omstandigheden ziet de advocaat-generaal reden de verlenging voor de duur van één jaar te verzoeken.
Het oordeel van het hof
Vernietiging
Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen, omdat het tot een andere beslissing komt.
Indexdelicten
Bij vonnis van 23 mei 2023 heeft de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, aan de terbeschikkinggestelde de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd voor de eendaadse samenloop van belaging en medeplegen van belaging en bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.
Stoornis en recidivegevaar
Bij de terbeschikkinggestelde is sprake van een waanstoornis en een autismespectrumstoornis. Het ontbreekt de terbeschikkinggestelde aan probleembesef en ziekte-inzicht, waardoor hij het nut en de noodzaak van een behandeling niet ziet, maar hij werkt wel mee aan zijn behandeling en houdt zich aan de voorwaarden. Zowel de reclassering als psychiater H.L.C. Morre achten het algemene risico op recidive hoog.
Verlenging
Op grond van het voorgaande stelt het hof vast dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een stoornis en dat vanwege het recidivegevaar de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel is vereist.
Duur van de verlenging
Het hof heeft als uitgangspunt dat de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling en resocialisatie van de terbeschikkinggestelde in het bestaande juridische kader meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar. Het hof ziet in dit geval aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken.
Het risico op stalkinggedrag (recidiverisico) komt voort uit de na verdiepingsdiagnostiek bij de terbeschikkinggestelde vastgestelde waanstoornis. Deze is onveranderbaar. De reclassering heeft aangegeven dat ondanks het hoge risico op recidive zij inschatten dat de terbeschikkinggestelde zich niet opnieuw schuldig zal maken aan het benaderen van het slachtoffer, omdat de terbeschikkinggestelde er goed van doordrongen lijkt te zijn dat hij met het benaderen van het slachtoffer zijn traject in gevaar brengt. De afgelopen periode is de terbeschikkinggestelde overgeplaatst naar een afdeling met een lager beveiligingsniveau, waarbij hij ook weer over gegevensdragers beschikt.
Het voorgaande maakt dat het hof de voortgang van het traject in de gaten wenst te houden en de duur van de verlenging van de terbeschikkingstelling daarom zal beperken tot één jaar.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigtde beslissing van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 27 juni 2025 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde,
[terbeschikkinggestelde].
Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van
één jaar.
Aldus gedaan door
mr. O.O. van der Lee, voorzitter,
mr. G. Mintjes en mr. W.A. Holland, raadsheren,
en dr. W.J. Canton en dr. K.J. de Wijs-Heijlaerts, raden,
in tegenwoordigheid van mr. N.D. Mavus-ten Elshof, griffier,
en op 13 november 2025 in het openbaar uitgesproken.
De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.