In deze strafzaak in hoger beroep bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden staat de mogelijke betrokkenheid van verdachte bij twee woningovervallen centraal. De verdediging verzocht om aanvullend onderzoek, waaronder het horen van medeverdachten als getuigen, benoeming van een DNA-deskundige en een tweede forensisch patholoog, en het opmaken van een reclasseringsrapport.
Het hof stemde in met het horen van medeverdachten als getuigen vanwege de verwevenheid van de zaken en wees het verzoek tot benoeming van een DNA-deskundige af, omdat geen concreet scenario werd aangedragen dat de mogelijkheid van secundaire DNA-overdracht kon onderbouwen. Ook wees het hof het verzoek tot een tweede forensisch patholoog af, omdat het bestaande rapport volgens professionele standaarden voldoende duidelijkheid bood over de doodsoorzaak.
Het hof gaf de verdediging wel de mogelijkheid om nadere vragen te stellen aan de forensisch patholoog en wees het verzoek tot het opmaken van een reclasseringsrapport toe. Verder werd het onderzoek geschorst wegens planning, met een termijn van maximaal drie maanden, en werd bepaald dat het onderzoek op een later tijdstip wordt voortgezet.