In deze civiele zaak tussen appellant en geïntimeerde heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 16 december 2025 een tussenarrest gewezen. Het hof benoemde een handschriftdeskundige die onderzoek deed naar de authenticiteit van een betwiste handtekening op een akte van 30 november 2015. De deskundige concludeerde dat het zeer waarschijnlijk is dat de handtekening geen authentieke handtekening van geïntimeerde betreft, met een kansverhouding van 10.000 tot 100.000 ten gunste van vervalsing.
Appellant betwistte de kwaliteit van het onderzoek en verzocht om aanvullend onderzoek met meer referentiemateriaal uit de periode rond 2015. Geïntimeerde voerde verweer en stelde dat appellant niet voldeed aan zijn bewijsopdracht. Het hof oordeelde dat het rapport helder en zorgvuldig was, maar achtte aanvullend onderzoek wenselijk om ook handtekeningen uit de periode 2014-2016 te betrekken, inclusief een te laat ingediende handtekening.
Het hof beval de handschriftdeskundige om dit aanvullend onderzoek uit te voeren en stelde een planning vast voor het aanleveren van handtekeningen, het indienen van het deskundigenbericht en het reageren van partijen. De verdere beslissing in de zaak wordt aangehouden totdat het aanvullende onderzoek is afgerond.