Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft een hoger beroep tegen de beschikking van de kantonrechter die een bewind en mentorschap heeft ingesteld over de goederen en belangen van een betrokkene met dementie. De kantonrechter had [verweerster] en [belanghebbende2] benoemd tot bewindvoerders en mentoren.
[verzoekster] betwistte de benoeming van haar zussen tot mentoren en verzocht zelf tot mentor te worden benoemd, stellende dat zij de betrokkene al jaren verzorgt en dagelijks bezoekt. De zussen stelden echter dat [verzoekster] onvoldoende overleg pleegt en kritisch is naar zorgverleners, waardoor zij niet geschikt zou zijn als mentor.
Het hof overwoog dat de betrokkene wegens haar dementie geen uitdrukkelijke voorkeur kan uitspreken. Alle dochters zijn betrokken en bereid als mentor op te treden. De kantonrechter heeft terecht [verweerster] en [belanghebbende2] benoemd, mede vanwege hun goede communicatie met de zorginstelling en de andere zussen. Het hof benadrukte dat [verzoekster] een belangrijke rol kan blijven spelen in de dagelijkse zorg en dat zij haar zorgen met de mentoren moet bespreken.
Het hof oordeelde dat het niet aannemelijk is dat het beginsel van hoor en wederhoor is geschonden, nu [verzoekster] in hoger beroep haar bezwaren heeft kunnen uiten. De bestreden beschikking wordt bekrachtigd en het beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de benoeming van de mentoren en wijst het hoger beroep af.