De rechtbank Gelderland heeft het gezag van de ouders over vijf minderjarige kinderen beëindigd vanwege ernstige bedreiging van hun ontwikkeling en langdurige opvoedingsproblematiek. De kinderen verblijven in pleeg- en gezinshuizen waar zij passende zorg ontvangen.
De ouders gingen in hoger beroep tegen de beslissing en verzochten tevens om vervanging van de gecertificeerde instelling, maar dit verzoek werd niet ontvankelijk verklaard omdat zij dit niet eerst bij de kinderrechter hadden ingediend.
Het hof oordeelt dat het belang van de kinderen voorop staat en dat het gezag van de ouders moet worden beëindigd omdat de aanvaardbare termijn voor herstel van de opvoedingssituatie is verstreken. Het voortduren van het gezag zou leiden tot voortdurende verlengingen van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing, wat onrust en onzekerheid voor de kinderen veroorzaakt.
Het hof benadrukt dat de kinderen recht hebben op rust en duidelijkheid over hun verblijfplaats en dat de ouders hun verblijf bij de pleeg- en gezinshuisouders moeten accepteren. De omgangsregeling blijft gehandhaafd en de gecertificeerde instelling zal de ouders blijven betrekken bij het leven van de kinderen.
De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd en het verzoek tot vervanging van de gecertificeerde instelling wordt afgewezen.