ECLI:NL:GHARL:2025:3546
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning raadsheer wegens mogelijke vooringenomenheid
In deze zaak heeft raadsheer Biemond verzocht zich te mogen verschonen van de behandeling van meerdere strafzaken vanwege een mogelijke belangenverstrengeling. Tijdens de voorbereiding bleek dat een getuige in de strafzaken bevriend is met een vriendin van de raadsheer en dat zij recent samen in een auto zaten. Dit leidde tot de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid mogelijk geschaad zou kunnen worden.
De verschoningskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van het verschoningsprotocol en relevante wetgeving, waaronder artikel 517 Sv Pro en internationale verdragen die onpartijdigheid waarborgen. Gelet op de toegankelijke informatie over de betrokken raadsheer en de omstandigheden van het contact met de getuige, oordeelde de kamer dat de vrees voor vooringenomenheid objectief gerechtvaardigd is.
Daarom werd het verzoek tot verschoning toegewezen, waarmee de raadsheer zich niet langer zal bezighouden met de behandeling van deze strafzaken. De beslissing werd op 10 juni 2025 uitgesproken door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van raadsheer Biemond is toegewezen wegens objectief gerechtvaardigde vrees voor schending van rechterlijke onpartijdigheid.