ECLI:NL:GHARL:2025:3175
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Wijziging voorlopige zorgregeling met opbouw en opheffing locatiebeperking vader-kindcontact
Partijen zijn in 2011 gehuwd en in 2024 gescheiden, met gezamenlijk gezag over twee minderjarige kinderen geboren in 2011 en 2015. Na een escalatie in april 2024 verliet de moeder met de kinderen de echtelijke woning en verhuisde naar haar ouders in een andere woonplaats.
De rechtbank stelde een voorlopige zorgregeling vast waarbij de omgang van de kinderen met de vader één keer per twee weken op een neutrale locatie buiten de woonplaats van de vader plaatsvond. De vader was het hier niet mee eens en stelde hoger beroep in, verzochtend de omgang bij hem thuis te laten plaatsvinden en de duur van de omgang te verlengen.
Het hof constateerde dat het raadsonderzoek was afgerond maar het rapport nog niet beschikbaar was vanwege een klacht van de moeder. Het hof oordeelde dat de huidige regeling te onrustig was en niet in het belang van de kinderen. De omgang moet zinvol en normaal zijn, en het altijd moeten ondernemen van uitjes buiten de deur draagt hier niet aan bij.
Het hof wijzigde daarom de voorlopige zorgregeling door de locatiebeperking op te heffen, zodat de omgang ook bij de vader thuis of bij de oma mag plaatsvinden. Tevens werd de duur van de omgang uitgebreid met een gefaseerde opbouw om de kinderen te laten wennen aan de thuissituatie van de vader.
De beschikking van de rechtbank werd vernietigd voor zover het de voorlopige zorgregeling betrof en opnieuw vastgesteld met de gewijzigde voorwaarden.
Uitkomst: Het hof wijzigt de voorlopige zorgregeling door opheffing van locatiebeperkingen en uitbreiding van de omgangsduur met gefaseerde opbouw.