Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.De procedure in eerste aanleg
2.De procedure in hoger beroep
);
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn na meer dan dertig jaar huwelijk in juni 2022 feitelijk uit elkaar gegaan en de echtscheiding is op 16 oktober 2023 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. De vrouw vordert in hoger beroep een hogere partneralimentatie dan de rechtbank had vastgesteld.
De vrouw is arbeidsongeschikt verklaard en ontvangt een uitkering op grond van de Participatiewet. Een arbeidsdeskundig rapport bevestigt dat zij momenteel niet kan werken en geen verdiencapaciteit heeft. Het hof acht haar behoeftigheid daarmee vastgesteld en acht het onredelijk om van haar te verlangen dat zij haar vermogen aanspreekt, dat bovendien niet liquide is.
De man exploiteert een eenmanszaak. Hoewel hij stelde dat de winst in 2021 uitzonderlijk hoog was en de jaren daarna slechter, blijkt uit de stukken dat de winsten in 2022 en 2023 zelfs hoger waren. Het hof volgt de winst van 2021 (€100.825) als basis voor de draagkrachtberekening, waarbij rekening is gehouden met zelfstandigenaftrek en premie arbeidsongeschiktheidsverzekering.
De woonlasten van de man worden forfaitair berekend, waarbij het hof geen extra woonlasten toerekent omdat hij op het bedrijf of bij zijn vriendin woont. De draagkracht van de man wordt vastgesteld op €2.341 bruto per maand. Het hof vernietigt het eerdere vonnis voor zover het partneralimentatie betreft en bepaalt dat de man dit bedrag voor vijf jaar aan de vrouw moet betalen, ingaande op de datum van inschrijving van de echtscheiding.
Uitkomst: De man moet vanaf 16 oktober 2023 vijf jaar lang €2.341 bruto per maand partneralimentatie betalen aan de vrouw.