ECLI:NL:GHARL:2025:2226
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie voor lopen op vluchtstrook zonder objectieve noodsituatie
De betrokkene werd bij inleidende beschikking gesanctioneerd voor het gebruik van de autosnelweg anders dan met een motorvoertuig dat sneller kan/mag dan 60 km/h, omdat hij op 3 december 2022 over de vluchtstrook liep. De betrokkene stelde dat hij vanwege een harde klap zijn voertuig op de vluchtstrook had gezet en was uitgestapt om te controleren op mogelijke schade of lekkage, wat een uitzondering op het verbod zou rechtvaardigen.
De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene gegrond tegen de beslissing van de officier van justitie, maar het hoger beroep richtte zich op de bevestiging van deze beslissing. Het hof overwoog dat de sanctie was opgelegd onder feitcode R461a aan de betrokkene als voetganger op de vluchtstrook, waardoor het niet relevant was met welk voertuig hij ter plaatse was.
Het hof stelde vast dat er geen objectief waarneembare noodsituatie was die het gebruik van de vluchtstrook rechtvaardigde. De vrees voor een oliespoor was onvoldoende onderbouwd en de betrokkene had met gematigde snelheid de snelweg kunnen verlaten. Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sanctie van €120,- voor het lopen op de vluchtstrook zonder objectieve noodsituatie en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.