ECLI:NL:GHARL:2025:1033
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep gezag en zorgregeling minderjarige met gewijzigde zorgregeling na raadsonderzoek
In deze zaak stond het hoger beroep centraal over het gezag en de zorgregeling van een minderjarige. Na een eerdere tussenbeschikking heeft het hof de behandeling van het gezag en de zorgregeling aangehouden en de raad voor de kinderbescherming gevraagd een onderzoek te verrichten naar het belang van het kind.
De raad adviseerde het gezamenlijk gezag in stand te laten en stelde een zorgregeling voor waarbij de minderjarige om de week bij de vader verblijft, met specifieke ophaal- en brengmomenten. Tijdens de mondelinge behandeling bleek dat de verstandhouding tussen de ouders was verbeterd en dat zij in onderling overleg de zorgregeling hadden uitgebreid.
De ouders hebben overeenstemming bereikt over het gezag en de zorgregeling, waarna de moeder haar beroep tegen het gezag introk. Het hof vernietigde de eerdere beschikking over de zorgregeling en stelde een nieuwe regeling vast die ingaat zodra het kind naar school gaat. De proceskosten werden gecompenseerd vanwege de relatie tussen de ouders en het belang van het kind.
De beschikking bepaalt dat de moeder niet-ontvankelijk is in haar verzoek over het gezag en dat de zorg- en opvoedingstaken vanaf schoolgaande leeftijd tussen de ouders worden verdeeld volgens de nieuwe regeling.
Uitkomst: De moeder wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek over het gezag en de zorgregeling wordt gewijzigd overeenkomstig de nieuwe afspraken tussen ouders.