Uitspraak
ISD P24/185
Beslissing van 15 augustus 2024
[veroordeelde] ,
verder te noemen: de veroordeelde.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De veroordeelde is bij vonnis veroordeeld tot een ISD-maatregel van twee jaar, aanvankelijk voorwaardelijk met proeftijd. Na het bevel tot tenuitvoerlegging is op 27 juli 2023 een tussentijdse beoordeling geweest waarbij voortzetting van de maatregel werd vereist.
De veroordeelde diende op 27 december 2023 opnieuw een verzoek in voor tussentijdse beoordeling. De rechtbank verklaarde dit verzoek ontvankelijk en besloot opnieuw tot voortzetting van de ISD-maatregel. Tegen deze beslissing stelde de veroordeelde beroep in bij het hof.
Het hof oordeelt dat het verzoek te vroeg is ingediend, omdat het binnen zes maanden na de onherroepelijke beslissing van 27 juli 2023 is gedaan. De mondelinge herhaling van het verzoek tijdens de zitting, na het verstrijken van de termijn, kan niet leiden tot ontvankelijkheid. Daarom vernietigt het hof de beslissing van de rechtbank en verklaart de veroordeelde niet-ontvankelijk in het verzoek om tussentijdse beoordeling.
Uitkomst: De veroordeelde wordt niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek om tussentijdse beoordeling van de voortzetting van de ISD-maatregel wegens te vroege indiening.