Partijen zijn in 2018 gescheiden en sloten een echtscheidingsconvenant met afspraken over partner- en kinderalimentatie. De man verzocht om nihilstelling of verlaging van de partneralimentatie wegens gewijzigde omstandigheden, terwijl de vrouw een hogere bijdrage eiste.
Het hof oordeelt dat partijen bewust zijn afgeweken van de wettelijke draagkrachtmaatstaven bij het vaststellen van de partneralimentatie, mede door een package deal en onvolledige vermogensopgave. De vrouw kon zich bewust neerleggen bij het lagere alimentatiebedrag.
Verder stelt het hof vast dat de vrouw een inspanningsverplichting heeft om in haar levensonderhoud te voorzien, ook al is dit niet expliciet overeengekomen. De vrouw kan haar werkuren uitbreiden tot 30 uur per week, waardoor haar netto aanvullende behoefte beperkt is.
De grieven van de man en vrouw falen, het hof bekrachtigt de eerdere uitspraak en compenseert de proceskosten, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.