ECLI:NL:GHARL:2024:1708
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie voor parkeren op gehandicaptenparkeerplaats aan bestuurder
De betrokkene kreeg een sanctie van €400 opgelegd wegens parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder het daarvoor bestemde voertuig te gebruiken. De overtreding vond plaats op 31 januari 2022 in Rotterdam. De betrokkene voerde in hoger beroep aan dat de sanctie ten onrechte aan hem als bestuurder was opgelegd, omdat de ambtenaar niet had vastgesteld dat hij het voertuig daadwerkelijk had geparkeerd en hij geen verklaring had afgelegd.
Het hof overwoog dat volgens artikel 5 van Pro de Wahv, indien de bestuurder niet direct is vastgesteld maar er wel een reële mogelijkheid tot staandehouding was, de sanctie aan die bestuurder moet worden opgelegd. Uit het proces-verbaal bleek dat de betrokkene zich als bestuurder had kenbaar gemaakt en met het voertuig was weggereden. Dit was voldoende om hem als bestuurder aan te merken.
Daarmee was de sanctie terecht aan de betrokkene opgelegd. Het hof bevestigde de beslissing van de kantonrechter die het beroep ongegrond had verklaard en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. Het arrest werd uitgesproken op 8 maart 2024 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: De sanctie van €400 voor fout parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats is terecht aan de betrokkene als bestuurder opgelegd.