ECLI:NL:GHARL:2023:9291
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs omkoping, oplichting en valsheid in geschrift
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland waarin verdachte was vrijgesproken van actieve omkoping, oplichting en valsheid in geschrift. Het openbaar ministerie had hoger beroep ingesteld en eiste een taakstraf van 90 uur, subsidiair 45 dagen hechtenis.
De verdediging voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens schending van het gelijkheidsbeginsel, omdat anderen die vergelijkbare feiten hadden gepleegd niet vervolgd werden. Het hof oordeelde dat het openbaar ministerie discretionair bevoegd is tot vervolging en dat er geen uitzonderlijke omstandigheden waren om niet-ontvankelijkheid vast te stellen.
Na beoordeling van het dossier, waaronder e-mail- en Whatsappberichten en facturen, concludeerde het hof dat deze niet het wettig en overtuigend bewijs leverden voor de tenlastegelegde feiten. Hoewel het handelen van verdachte bedenkelijk was, was het onvoldoende voor een veroordeling.
Het hof bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van actieve omkoping, oplichting en valsheid in geschrift wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs.