Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder van de minderjarige is in hoger beroep gekomen tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing die door de kinderrechter was toegekend tot 27 maart 2024. De minderjarige verblijft sinds januari 2023 in een crisispleeggezin na een eerdere machtiging tot uithuisplaatsing.
Het hof heeft vastgesteld dat hoewel er nog zorgen zijn over de opvoedvaardigheden van de moeder en het gedrag van de minderjarige, deze zorgen niet zodanig zijn dat de minderjarige niet bij haar moeder kan wonen. De minderjarige heeft tijdens een gesprek met de raadsheer aangegeven graag weer bij haar moeder te willen wonen en is zich bewust van de consequenties van ongeoorloofd gedrag.
Het hof oordeelt dat de gronden voor de machtiging tot uithuisplaatsing niet langer aanwezig zijn en vernietigt daarom de verlenging van de machtiging vanaf 1 september 2023. Wel wordt de verlenging tot die datum bekrachtigd om de schoolgang van de minderjarige te waarborgen. Tevens wordt gewezen op een mogelijk passend buitenlandtraject voor de minderjarige.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing wordt verlengd tot 1 september 2023 en daarna niet verlengd.