Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
1.1. Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
primair:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn gezamenlijk gezagsbekleders over hun dochter, geboren in 2018. De moeder was met de dochter en haar andere kinderen verhuisd naar een andere woonplaats zonder toestemming van de vader, wat leidde tot een geschil over het hoofdverblijf van het kind.
De rechtbank verleende vervangende toestemming voor de verhuizing, maar de vader ging hiertegen in hoger beroep en verzocht om terugverhuizing. Tijdens de procedure trok hij zijn verzoek in om het hoofdverblijf te wijzigen en om een dwangsom op te leggen.
Het hof oordeelde dat de moeder onvoldoende overlegde en de verhuizing onvoldoende doordacht was, vooral gezien de grote afstand en de gezondheid van de vader die beperkt is in reizen. Het belang van het contact tussen vader en dochter weegt zwaarder dan het belang van de moeder om in de nieuwe woonplaats te blijven.
Daarom vernietigde het hof de beschikking van de rechtbank en bepaalde dat de moeder binnen drie maanden moet terugverhuizen naar de oorspronkelijke woonplaats of binnen een straal van 10 kilometer daarvan. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De moeder moet binnen drie maanden terugverhuizen naar de oorspronkelijke woonplaats om het contact tussen vader en dochter te waarborgen.