ECLI:NL:GHARL:2023:3927
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs medeplegen poging tot moord
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf voor medeplegen van poging tot moord op 9 oktober 2020. Het hof vernietigt dit vonnis en doet opnieuw recht na onderzoek in hoger beroep.
De zaak draait om een schietincident waarbij het slachtoffer werd geraakt in het bovenbeen. Verdachte was bijrijder in de auto van medeverdachte die schoot. Het hof stelt vast dat verdachte wist van het plan en aanwezig was bij het incident en de vlucht, maar kan zijn precieze rol niet met voldoende zekerheid vaststellen.
De verdediging stelde dat verdachte geen opzet had en slechts passief aanwezig was, zonder betrokkenheid bij het wapen of de schoten. Het hof acht de verklaring van verdachte ongeloofwaardig, maar concludeert dat de bewijslast voor medeplegen onvoldoende is omdat er geen bewijs is van een nauwe en bewuste samenwerking die de vereiste materiële of intellectuele bijdrage aantoont.
Daarom spreekt het hof verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten en heft het bevel tot voorlopige hechtenis op. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk voor zover het gericht is tegen de eerdere vrijspraak van andere tenlasteleggingen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplegen poging tot moord.