ECLI:NL:GHARL:2023:39

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
3 januari 2023
Publicatiedatum
3 januari 2023
Zaaknummer
Wahv 200.303.640/01
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Wijma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 24 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging sanctie parkeren zonder vergunning op vergunninghoudersparkeerplaats

De betrokkene werd beboet voor het parkeren op een vergunninghoudersparkeerplaats zonder de vereiste vergunning. Hij beschikte over een bewonersabonnement dat volgens de gemeente Venlo alleen geldig is voor betaald parkeren en blauwe zones, niet voor vergunninghoudersplaatsen. De betrokkene voerde aan dat zijn abonnement als parkeervergunning moest worden gezien en dat de bebording onduidelijk was.

Het gerechtshof oordeelde dat het bewonersabonnement juridisch gezien een ontheffing is voor betaald parkeren en blauwe zones en niet geldt als parkeervergunning voor vergunninghoudersplaatsen. De bebording was duidelijk zichtbaar aan het begin van de straat en bij de parkeervakken. De betrokkene had de gevolgen van het missen van de bebording voor zijn rekening te nemen.

Daarom werd de beslissing van de kantonrechter bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. Het arrest werd uitgesproken op 3 januari 2023 door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: De sanctie voor parkeren zonder vergunning op een vergunninghoudersparkeerplaats wordt bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.303.640/01
CJIB-nummer
: 231230736
Uitspraak d.d.
: 3 januari 2023
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Limburg van 24 september 2021, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. C.M.J.E.P. Meerts, kantoorhoudende te Beegden.

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard en het verzoek om een proceskostenvergoeding afgewezen.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 95,- voor: “parkeren op parkeerplaats vergunninghouders (bord E9) zonder vergunning voor dat voertuig”. Deze gedraging zou zijn verricht op 3 januari 2020 om 11:22 uur op de Italiëplaats in Venlo met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde voert – kort samengevat – aan dat de betrokkene beschikt over een straatabonnement en dat dit, zo volgt uit informatie die te vinden is op de website van de gemeente Venlo, zich kwalificeert als een parkeervergunning. Derhalve mocht de betrokkene zijn voertuig parkeren op de parkeerplaats en is niet gebleken dat dit enkel mocht met een tijdelijke vergunning. Dat de ambtenaar stelt dat de betrokkene met zijn voertuig niet mag parkeren op de betreffende plek, mist feitelijke grondslag. Nergens staat vermeld dat de vergunning enkel geldt voor parkeerplaatsen voor betaald parkeren of binnen een blauwe zone. Daarnaast voert de gemachtigde aan dat het bord E9 erg onlogisch is geplaatst. De gevolgen van een dergelijke onduidelijke bebording dienen voor rekening en risico te komen van de wegbeheerder en niet van de betrokkene, aldus de gemachtigde.
3. De gedraging betreft een overtreding van artikel 24, eerste lid, aanhef en onder g, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Dit artikel luidt: “De bestuurder mag zijn voertuig niet parkeren op een parkeerplaats voor vergunninghouders, aangeduid door verkeersbord E9 van bijlage I, indien voor zijn voertuig geen vergunning tot parkeren op die plaats is verleend.”
4. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens: “Ik zag dat het voertuig stond geparkeerd op een middels E9 RVV 1990 aangeduide parkeergelegenheid welke is voorbehouden aan vergunninghouders. Ik heb geen parkeervergunning in het voertuig waargenomen. Uit navraag bij het bevoegd gezag is mij gebleken dat voor het parkeren op deze parkeergelegenheid geen vergunning is verleend. (…)”
5. In het dossier bevinden zich verder – onder meer – vier aanvullende processen-verbaal. De ambtenaar verklaart in het aanvullend proces-verbaal van 8 april 2020, voor zover hier relevant, als volgt: “Op 3 januari 2021, omstreeks 11:22 uur, bevond ik mij op de openbare weg, Italiëplaats te Venlo, in de gemeente Venlo ter hoogte van parkeerplaats P it 9. Ik zag dat in het voertuig en via de kentekenscan dat de betrokkene niet in het bezit was van een geldige vergunning. Ik zag wel dat de betrokkene in het bezit was van een straatabonnement om te mogen parkeren in de betaald parkeervakken in de gemeente Venlo. Op de Italiëplaats zijn geen betaald parkeervakken aanwezig. (…) De Italiëplaats is uitsluitend bedoeld om te parkeren voor vergunninghouders, hier zijn gereserveerde parkeerplaatsen. Dit staat ook extra vermeld op het bord. (…) De Italiëplaats is een doodlopende weg en aan het begin van deze weg staat duidelijk het bord E9 vergunninghouders, zie bijlage 4. (…)”
6. In het aanvullend proces-verbaal van 1 juli 2021 vult de ambtenaar nog het een en ander aan. Hij zegt hierin, voor zover relevant, het volgende: “Ik zag toen dat daar een voertuig stond geparkeerd met het Nederlandse kenteken [kenteken] . Hiervan scande ik het kenteken en zag dat betrokkene in het bezit was van een straatabonnement bewoner Centrum-Schil. De betrokkene was niet in het bezit van een parkeervergunning, maar een straatabonnement. Een straatabonnement is uitsluitend geldig voor de betaald parkeervakken en de schil blauwe-zone. (…) De Italiëstraat is uitsluitend een bedrijvenstraatje waar ondernemers kunnen parkeren die een zaak hebben aangrenzend aan deze straat en in het bezit zijn van een parkeervergunning. Dit is ook duidelijk aangegeven middels bord E9 met onderbord uitsluitend vergunninghouders. (…)”
7. In het dossier bevinden zich verder foto’s waarop het voertuig van de betrokkene te zien is. Het voertuig staat achteruit geparkeerd in een parkeervak. Rechts en achter het voertuig bevindt zich een muur. Achter het voertuig, tegen de muur en in het midden van het parkeervak waar het voertuig van de betrokkene geparkeerd stond, is een bordje te zien met de tekst “P it 9”. Verder zijn bij het aanvullend proces-verbaal van 8 april 2020 foto’s overgelegd van het bord E9 dat bij de toegangsweg naar de Italiëplaats is geplaatst en de bordjes die afzonderlijk bij de parkeervakken zijn geplaatst.
8. Uit de stukken volgt dat de betrokkene ten tijde van de gedraging in het bezit was van een parkeervergunning bewoner Centrum-Schil. Dit wordt ook wel een bewonersabonnement genoemd. De gemachtigde heeft de voorwaarden die gelden voor een parkeervergunning in de gemeente Venlo ingebracht. Anders dan de gemachtigde, is het hof van oordeel dat hieruit niet anders kan worden afgeleid dan dat met een dergelijke “vergunning” alleen in betaald parkeervakken mag worden geparkeerd en dat in de Schil uitgeweken mag worden naar de blauwe zone. Hoewel de gemeente Venlo dit in de voorwaarden benoemt als “vergunning”, betreft dit juridisch gezien echter een ontheffing op het fiscale parkeerregime en het parkeren in de blauwe zone. De betrokkene beschikte derhalve niet over een parkeervergunning waarmee hij mocht parkeren op de desbetreffende parkeerplaats voor vergunninghouders. Er kan dan ook worden vastgesteld dat de onderhavige gedraging is verricht.
9. Het hof deelt niet de opvatting van de gemachtigde dat de bebording ter plaatse onduidelijk is. Het betreffende E9 bord staat aan het begin van de (smalle) straat die leidt naar de parkeervakken aan de Italiëplaats, zoals op de door de ambtenaar overgelegde foto’s is te zien. Bij het inrijden van de straat is het bord duidelijk waarneembaar. Bij alle parkeervakken is afzonderlijk een wit bordje met blauwe omranding geplaatst waarop is aangegeven welk nummer het desbetreffende parkeervak heeft. Dat de betrokkene de bebording wellicht heeft gemist, is dan ook een omstandigheid waarvan de gevolgen voor zijn rekening moeten blijven. Voor zover de gemachtigde stelt dat de aan de vergunning/ontheffing verleende voorwaarden niet duidelijk waren, wijst het hof erop dat van de betrokkene mag worden verwacht dat hij op de hoogte is van de geldende voorwaarden en dat hij bij enige onduidelijkheid daaromtrent zich tot de gemeente Venlo wendt.
10. De gronden treffen geen doel. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter dan ook bevestigen. Nu de betrokkene niet in het gelijk wordt gesteld, zal het verzoek om een proceskostenvergoeding worden afgewezen.

De beslissing

Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. Wijma, in tegenwoordigheid van mr. Pranger als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.