ECLI:NL:GHARL:2023:3765
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens niet-naleving strikte waarborgen bij bloedonderzoek in verkeersdrugszaak
De verdachte werd verdacht van het besturen van een voertuig onder invloed van cannabis, waarbij een bloedonderzoek een te hoog THC-gehalte had vastgesteld. Het hof onderzocht of het onderzoek voldeed aan de strikte waarborgen van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Uit het dossier bleek dat het bloedmonster op 6 juli 2019 werd afgenomen, direct verpakt en verzegeld, maar pas op 16 oktober 2019, na 102 dagen, door het laboratorium werd ontvangen. Er ontbraken concrete gegevens over de wijze van bewaren en transport van het bloedmonster, waardoor het hof niet kon vaststellen dat verzending 'zo spoedig mogelijk' had plaatsgevonden.
Gelet op het arrest van de Hoge Raad (ECLI:HR:2022:1857) zijn deze waarborgen essentieel voor de betrouwbaarheid van het onderzoek. Door het ontbreken hiervan kon het hof niet spreken van een onderzoek als bedoeld in de Wegenverkeerswet en sprak het de verdachte vrij.
Daarnaast wees het hof de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke geldboete af, omdat de verdachte niet werd veroordeeld voor het ten laste gelegde feit.
Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door vrijspraak uit te spreken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens het niet naleven van de strikte waarborgen bij het bloedonderzoek.