Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellante is in 2020 onder de wettelijke schuldsaneringsregeling geplaatst. In februari 2023 heeft de rechtbank deze regeling tussentijds beëindigd wegens tekortkoming in de nakoming van verplichtingen, omdat appellante sinds haar detentie in juli 2021 niet beschikbaar was voor de arbeidsmarkt en daardoor niet kon sparen voor haar schuldeisers.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij geen tekortkoming had, omdat familieleden vaste lasten betaalden en zij ten onrechte gedetineerd was. Zij voerde verder aan dat het strafvonnis berust op onbetrouwbare getuigenverklaringen en dat er sprake is van een gerechtelijke dwaling.
De bewindvoerder benadrukte dat door de detentie het vooruitzicht op volledige betaling van schuldeisers is verdwenen en dat verlenging van de regeling niet zinvol zou zijn.
Het hof oordeelde dat de tekortkoming pas definitief aan appellante kan worden toegerekend bij een onherroepelijke veroordeling. Omdat het hoger beroep in de strafzaak nog loopt, is de toerekenbaarheid onzeker. Gezien het belang van crediteuren en appellante, die schuldeisers wil betalen, verlengt het hof de schuldsaneringsregeling met twee jaar tot 15 april 2025 om meer duidelijkheid te verkrijgen.
Indien appellante vrijgesproken wordt, kan zij een billijke vergoeding krijgen die zij wil aanwenden voor schuldbetaling. De beslissing van de rechtbank wordt vernietigd en de regeling voortgezet.
Uitkomst: De wettelijke schuldsaneringsregeling van appellante wordt verlengd met twee jaar tot 15 april 2025.