ECLI:NL:GHARL:2023:1520

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
21 februari 2023
Publicatiedatum
21 februari 2023
Zaaknummer
GEMW 200.316.785
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • De Witt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 154b GemeentewetArt. 8 Afvalstoffenverordening 2009
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging bestuurlijke boete voor afval op straat ondanks gezondheidsproblemen en volle inzamelvoorziening

Eiseres kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens het achterlaten van afval op straat in Amsterdam, wat zij betwistte vanwege gezondheidsproblemen en volle inzamelvoorzieningen. Haar gemachtigde erkende dat de vuilniszak van eiseres was, maar stelde dat het vanwege volle containers en gezondheidsklachten niet mogelijk was het afval correct aan te bieden.

De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond en het hof bevestigt dit oordeel. Het hof overwoog dat het niet vrijstelt om afval op straat te laten staan als de inzamelvoorziening vol is, en dat alternatieven zoals het tijdelijk opslaan van afval of het inschakelen van derden beschikbaar zijn. Ook werd het argument van structureel volle containers weerlegd door meldingen van de gemeente.

De procedure verliep met een schriftelijke aanvulling van de gemachtigde, die niet op de zitting verscheen vanwege gezondheidsproblemen. De kantonrechter had deze aanvulling wel meegewogen. Het hof bevestigt dat de boete terecht is opgelegd en dat de overtreding aan eiseres kan worden toegerekend, ondanks de omstandigheden.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de bestuurlijke boete van €100 voor het achterlaten van afval op straat ondanks gezondheidsproblemen en volle inzamelvoorziening.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: GEMW 200.316.785/01
Uitspraak d.d.
: 21 februari 2023
Arrestop het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Amsterdam van 12 juli 2022, betreffende

[eiseres] (hierna: eiseres),

wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van eiseres is [naam1] , wonende te [woonplaats] .

De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van eiseres ongegrond verklaard. Dit beroep was ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam (hierna te noemen: verweerder) naar aanleiding van de oplegging van een bestuurlijke boete aan eiseres op grond van artikel 154b van de Gemeentewet met kenmerk [nummer1] .

Het verloop van de procedure

Eiseres heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter.
Verweerder heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. De gemachtigde van eiseres merkt in de eerste plaats op dat hem wordt verweten dat hij niet op de zitting van de kantonrechter is verschenen. De gemachtigde kampt met gezondheidsproblemen en beschikt over beperkte financiële middelen. Hij heeft er daarom voor gekozen niet naar de rechtbank te komen en te volstaan met een schriftelijke aanvulling. Hij veronderstelt dat de kantonrechter deze aanvulling heeft genegeerd.
2. In de beslissing van de kantonrechter staat vermeld dat de gemachtigde, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet op de zitting is verschenen. Daarmee worden eiseres en haar gemachtigde niet een verwijt gemaakt, maar is enkel bedoeld weer te geven dat de kantonrechter heeft gecontroleerd of partijen op de juiste wijze zijn uitgenodigd. Uit de beslissing blijkt verder dat de kantonrechter de inhoud van de aanvulling die door de gemachtigde naar de rechtbank is gestuurd heeft meegenomen bij zijn overwegingen.
3. De overige bezwaren van de gemachtigde richten zich tegen de bestuurlijke boete van € 100,- die aan eiseres is opgelegd voor een overtreding van artikel 8, eerste lid, van de Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Amsterdam houdende regels omtrent afvalstoffen (Afvalstoffenverordening 2009). De overtreding zou zijn begaan op 4 juni 2021 op de Moreelsestraat ter hoogte van nummer 9 in Amsterdam.
4. Artikel 8, eerste lid, van de Afvalstoffenverordening 2009 luidt als volgt:
“Het is de gebruiker van een perceel, voor wie krachtens artikel 4, vierde lid een inzamelmiddel of inzamelvoorziening of brengdepot is aangewezen, verboden de huishoudelijke afvalstoffen anders aan te bieden dan met behulp van het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening of het betreffende brengdepot.”
5. Uit het overtredingsrapport blijkt dat op de hiervoor vermelde datum en locatie een vuilniszak op straat werd aangetroffen met afval herleidbaar tot eiseres. De gemachtigde van eiseres, haar echtgenoot, heeft erkend dat het gaat om een vuilniszak afkomstig van eiseres die daar door hem is neergezet. Hij stelt echter dat hij geen andere keus had dan de afvalzak naast de inzamelvoorziening te deponering. De inzamelvoorziening bleek namelijk vol te zijn en er lag al een stapel vuilniszakken naast. De gemachtigde had de afvalzak eerst meegenomen naar een inzamelvoorziening verderop, maar deze bleek ook vol. Eiseres is bedlegerig en de gemachtigde lijdt aan verschillende kwalen, waardoor hij bij een geringe inspanning pijn op de borst krijgt. Hij voelde zich niet in staat de vuilniszak mee terug te nemen naar de woning van zijn echtgenote, waar hij deze ook nog twee trappen op had moeten dragen. De containers zijn geregeld overvol en de gemeente onderhoudt deze slecht. De gemachtigde vindt het mensonterend dat de boete ondanks deze omstandigheden in stand is gelaten. De gemachtigde controleert tegenwoordig vooraf of de container niet vol is om vervolgens het afval weg te brengen.
6. Te begrijpen valt dat het de gemachtigde vanwege gezondheidsproblemen zwaar valt om volle vuilniszakken te vervoeren. Dat betekent echter niet dat het hem vrijstaat om afval op straat achter te laten wanneer sprake is van een volle inzamelvoorziening. De omstandigheid dat de gemeente een zorgplicht heeft voor het adequaat en regelmatig legen van de containers, maakt dit niet anders. Dat de inzamelvoorziening in de Moreelsestraat structureel vol is, zoals de gemachtigde stelt, wordt overigens weerlegd door een meldingenoverzicht van de gemeente waaruit blijkt dat in de maanden voor en na de overtreding slechts incidenteel een melding over de betreffende voorziening is binnengekomen. Als een inzamelvoorziening vol of defect is, moet worden uitgeweken naar een voorziening op een andere locatie. Wanneer eiseres en haar gemachtigde daar vanwege hun gezondheidstoestand niet toe in staat zijn, zal het afval tijdelijk moeten worden opgeslagen of een derde moeten worden ingeschakeld om het afval af te voeren. Een andere mogelijkheid is, zoals de gemachtigde zelf al aangeeft, eerst te controleren of de inzamelvoorziening toegankelijk is voordat het afval wordt meegenomen. Mede in aanmerking genomen dat de inzamelvoorziening op minder dan 100 meter van de woning van eiseres is gelegen, leiden de omstandigheden die de gemachtigde naar voren brengt niet tot het oordeel dat de overtreding niet aan eiseres kan worden verweten.
7. De kantonrechter heeft het beroep terecht ongegrond verklaard. Het hof zal diens beslissing dan ook bevestigen.

De beslissing

Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter.
Dit arrest is gewezen door mr. De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Huizenga als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.