ECLI:NL:GHARL:2023:10395
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens tijdsoverschrijding bij Wahv-beslissing
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De kantonrechter verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingesteld.
In hoger beroep betoogde de gemachtigde van de betrokkene dat de bepalingen over de tijdigheid van het beroep wel dwingend zijn, maar niet van openbare orde, en dat de kantonrechter daarom ambtshalve niet de tijdigheid had mogen toetsen. Het hof verwees naar eerdere jurisprudentie, waaronder een arrest van 22 juli 2021, waarin is vastgesteld dat hoewel tijdigheid dwingend is, de rechter verplicht is deze ambtshalve te beoordelen.
Het hof oordeelde dat het betoog niet slaagt en bevestigde de beslissing van de kantonrechter. Daarnaast wees het hof het verzoek om een proceskostenvergoeding af, conform eerdere arresten. De zaak werd behandeld op zitting, waarbij de gemachtigde van de betrokkene niet verscheen.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens te late indiening en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.