Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, die de ondertoezichtstelling van haar minderjarige kind heeft verlengd tot 6 mei 2023. Zij betwist dat er sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging en stelt dat de hulpverlening zonder ondertoezichtstelling kan worden voortgezet.
De gecertificeerde instelling (GI) voert aan dat de ondertoezichtstelling noodzakelijk blijft vanwege het kwetsbare karakter van het kind en de noodzaak om therapie voort te zetten. De moeder werkt weliswaar over het algemeen mee, maar heeft in het verleden hulpverleningstrajecten voortijdig afgebroken en stelt voorwaarden aan medewerking.
Het hof acht op basis van de feiten aannemelijk dat het kind zonder ondertoezichtstelling ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. De lopende speltherapie bij een specialistische organisatie moet worden afgerond, waarbij voortijdige stopzetting moet worden voorkomen. Daarom wordt de ondertoezichtstelling verlengd, maar de termijn verkort tot 1 februari 2023, waarna duidelijkheid over vervolgbehandeling zal bestaan.
De beschikking van de rechtbank wordt voor het deel na 1 februari 2023 vernietigd en het verzoek tot verlenging voor die periode afgewezen. Voor het overige wordt de beschikking bekrachtigd.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling wordt bekrachtigd maar de termijn verkort tot 1 februari 2023.