ECLI:NL:GHARL:2022:9022

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
21 oktober 2022
Publicatiedatum
21 oktober 2022
Zaaknummer
Wahv 200.295.315/01
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Schuijlenburg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9, tweede lid, onder b, Wahv
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging sanctie parkeerboete na toetsing gelijkheidsbeginsel

In hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter over een parkeerboete heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het beroep van de betrokkene beoordeeld.

De betrokkene stelde dat de ambtenaar ongerechtvaardigd onderscheid maakte op basis van nationaliteit bij het bekeuren van fout geparkeerde voertuigen. Het hof heeft een aanvullend proces-verbaal van de ambtenaar ontvangen waarin werd toegelicht dat bij een eerste overtreding een waarschuwing wordt gegeven en pas bij een volgende overtreding een boete wordt opgelegd. Dit systeem wordt objectief toegepast en is niet afhankelijk van nationaliteit.

De advocaat-generaal concludeerde dat er geen aanwijzingen zijn voor schending van het gelijkheidsbeginsel. Het hof oordeelde dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slaagt omdat het onderscheid gebaseerd is op het feit of eerder een waarschuwing is gegeven, wat een gerechtvaardigde en objectieve grond is.

Daarom bevestigt het hof de beslissing van de kantonrechter en laat het de sanctie in stand.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de parkeerboetesanctie en wijst het beroep op het gelijkheidsbeginsel af.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.295.315/01
CJIB-nummer
: 233104477
Uitspraak d.d.
: 21 oktober 2022
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Overijssel van 22 april 2021, betreffende

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [woonplaats1] .

De gemachtigde van de betrokkene is [naam1] ,

wonende te [woonplaats1] ,

Het tussenarrest

De inhoud van het tussenarrest van 14 juli 2022 wordt hier overgenomen.

Het verdere procesverloop

De advocaat-generaal heeft aanvullende informatie overgelegd. Deze informatie is (in kopie) doorgestuurd aan de betrokkene. Deze heeft de gelegenheid gekregen daarop te reageren. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Het hof heeft in voormeld tussenarrest overwogen dat het betoog van de gemachtigde van de betrokkene moet worden verstaan als een beroep op het gelijkheidsbeginsel en de advocaat-generaal in de gelegenheid gesteld om de ambtenaar die de sanctie heeft opgelegd om een reactie te vragen.
2. Naar aanleiding van het tussenarrest heeft de advocaat-generaal aanvullende informatie aan het hof doen toekomen, bestaande uit een aanvullend proces-verbaal van de ambtenaar die de sanctie heeft opgelegd. Daarin verklaart de ambtenaar dat de eerste keer dat wordt gesignaleerd dat een voertuig in strijd met het parkeerverbod staat geparkeerd, een waarschuwing wordt gegeven door middel van het achterlaten van een kaartje en dat pas bij een daarop volgende keer een bekeuring wordt gegeven. Dat moet in de situatie van de betrokkene ook het geval zijn geweest. De ambtenaar kan via het bekeuringssysteem Sigmax achterhalen of er al eerder een waarschuwing is gegeven. Verder merkt de ambtenaar op dat veel Poolse arbeidsmigranten slechts enkele maanden in [woonplaats1] verblijven en daarna weer vertrekken, waarna er weer nieuwe arbeidsmigranten komen. De ambtenaar ontkent stellig onderscheid te maken naar nationaliteit.
3. De advocaat-generaal stelt zich op het standpunt dat deze toelichting van de ambtenaar tot de conclusie leidt dat niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtenaar een ongerechtvaardigd onderscheid heeft gemaakt, zodat de betrokkene geen beroep kan doen op het gelijkheidsbeginsel.
4. Gelet op hetgeen is aangevoerd, dient het hof te beoordelen of er redenen zijn die aanleiding geven op grond van artikel 9, tweede lid, onder b, van de Wahv oplegging van de sanctie achterwege te laten.
5. Van schending van het gelijkheidsbeginsel is sprake als zonder (juridische) geldige reden ten nadele van de betrokkene wordt afgeweken van het met betrekking tot gedragingen als de onderhavige geldende beleid (vgl. Hof Leeuwarden 8 oktober 2003, gepubliceerd op rechtspraak.nl onder ECLI:NL:GHLEE:2003:AM5326). Het hof is van oordeel dat daarvan in de onderhavige zaak niet is gebleken. Het hof neemt hierbij in aanmerking dat de ambtenaar in het aanvullend proces-verbaal heeft uiteengezet waarom hij bij sommige voertuigen die in strijd met het parkeerverbod ter plaats stonden geparkeerd een sanctie heeft opgelegd en bij andere heeft volstaan met een waarschuwing en dat daarbij bepalend is of er voor het voertuig eerder een waarschuwing was gegeven of niet, wat hij kon opmaken uit het systeem. Het betreft hier een objectief en gerechtvaardigd onderscheid. Ook heeft hij er een verklaring voor gegeven waarom de kans dat een Poolse kentekenhouder niet eerder is gewaarschuwd, en dus niet (meteen) een sanctie krijgt, groter is. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel kan de betrokkene daarom niet baten.
6. Aldus is niet gebleken dat er redenen zijn die aanleiding geven oplegging van de sanctie achterwege te laten. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter daarom bevestigen.

De beslissing

Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Arntz als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.