ECLI:NL:GHARL:2022:599
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-stellen zekerheid bij bestuursstrafrechtelijke sanctie
De betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde omdat niet tijdig zekerheid was gesteld voor de betaling van de sanctie en administratiekosten conform artikel 11 Wahv Pro.
De gemachtigde van de betrokkene voerde aan dat de betrokkene niet in staat was zekerheid te stellen en dat dit ook kenbaar was gemaakt. Tevens werd aangevoerd dat niet was medegedeeld dat de betrokkene in verzuim zou zijn. Het hof oordeelt dat de betrokkene en zijn gemachtigde meerdere malen per brief zijn gewezen op de verplichting tot zekerheidstelling en dat geen reactie is ontvangen.
Het hof stelt vast dat de betrokkene niet tijdig zekerheid heeft gesteld en dat het verzoek om uitstel van betaling geen draagkrachtverweer inhoudt. De betrokkene heeft niet binnen de gestelde termijn gereageerd met een verklaring omtrent onvoldoende draagkracht. Het hof bevestigt daarom dat het beroep terecht niet-ontvankelijk is verklaard en dat de inhoudelijke bezwaren niet kunnen worden behandeld.
Uitkomst: Het hof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens het niet tijdig stellen van zekerheid.