ECLI:NL:GHARL:2022:4056
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie voor snelheidsovertreding binnen bebouwde kom ondanks afwijking minimale meetafstand
De betrokkene kreeg een boete van €191 opgelegd wegens het overschrijden van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom met 20 km/h op 27 februari 2019. De betrokkene voerde aan dat de snelheid werd gemeten op een afstand van 125 meter voor het bebouwde kom-bord, terwijl de richtlijn een minimale afstand van 140 meter voorschrijft. Daarnaast stelde hij dat hij niet binnen de bebouwde kom was geflitst en dat de feitcode onjuist was.
Het hof oordeelde dat de meetlocatie op 124 meter voor het bord lag, dus binnen de bebouwde kom, en dat de afwijking van de minimale meetafstand gerechtvaardigd was vanwege een nabijgelegen kruising met bijzondere verkeerssituaties. De ambtenaar kon de snelheid niet op de voorgeschreven afstand meten vanwege deze omstandigheden. Tevens werd vastgesteld dat het niet mogelijk was de bestuurder staande te houden vanwege het verkeer, waardoor de sanctie terecht aan de kentekenhouder werd opgelegd.
Het hof bevestigde de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. De gebruikte feitcode was juist en er was voldoende bewijs voor de overtreding. De uitspraak benadrukt dat in bijzondere situaties van de instructie kan worden afgeweken en dat de sanctie ook zonder staandehouding aan de kentekenhouder kan worden opgelegd als staandehouding niet veilig mogelijk is.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de boete van €191 voor snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom.