Uitspraak
hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 15 mei 2017 tot en met 30 januari 2019 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een of meer bankbiljetten van 20 Euro en/of 50 Euro heeft nagemaakt en/of heeft vervalst, (telkens) met het oogmerk om die bankbiljetten als echt en onvervalst uit te geven en/of te doen uitgeven;
hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 15 mei 2017 tot en met 30 januari 2019 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een of meer bankbiljetten van 20 Euro en/of 50 Euro, die verdachte en/of zijn mededaders zelf hebben nagemaakt en/of vervalst of waarvan de valsheid of vervalsing verdachte en/of zijn mededaders, toen hij/zij die bankbiljetten ontvingen(en), bekend was, met het oogmerk om ze als echt en onvervalst uit te geven en/of te doen uitgeven, (telkens) zich heeft verschaft en/of in voorraad heeft gehad en/of heeft vervoerd, ingevoerd, doorgevoerd en/of heeft uitgevoerd;
hij op omstreeks 30 januari 2019 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk (onder meer) een (Canon) printer en/of een hoeveelheid (ivoorwit A4) papier en/of een of meer hologrammen en/of (inkt)cartridges en/of vijf, althans een of meerdere vellen papier met een watermerk sterk gelijkend op een watermerk van een 50 Euro biljet, heeft vervaardigd, ontvangen en/of zich heeft verschaft en/of voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte wist dat deze bestemd was/waren tot het namaken of vervalsen van bankbiljetten;
hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 15 mei 2017 tot en met 30 januari 2019 te [plaats 1] , althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 6] en/of [medeverdachte 7] en/of [medeverdachte 8] en/of [medeverdachte 1] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, bestaande uit het vervaardigen en/of in omloop brengen van valse bankbiljetten.
1.Inleiding
een zelfde bronte herleiden zijn. Hierbij valt te denken aan
[medeverdachte 7] : (ntv) die is er al .. ntv .. die van [medeverdachte 1] .
[medeverdachte 7] : Nee onder drie euro. En nu doet hij dat wel. Snap je wat ik bedoel? [127]
[medeverdachte 3] : Ja man.
NN1: .. ntv ..
NN1: Gewoon stickers plakken
[medeverdachte 7] : Oké.
NN1: ja man
: Ik heb best weinig stickers
[medeverdachte 6] : (ntv) ik heb alleen maar (ntv).
[medeverdachte 6] : De (ntv: achterkant?) van ons is ook mooi, kijk hier.
[medeverdachte 7] : Ja. Dit is beter dan dit.
[medeverdachte 7] : Hoeft te blok. Achterkant komt nog. De achterkant (ntv) heb ik al tienduizend platen mee.
[medeverdachte 6] : ja.
[medeverdachte 7] : nee, man echt niet.
[medeverdachte 7] : (ntv) voel maar aan de achter. Ik pak die echte er bij, dan (ntv).
[medeverdachte 7] : Water is al geweest
[medeverdachte 7] : Welke € 1000,-?
[medeverdachte 2] : Uh, die moet ik bellen man
[medeverdachte 2] : Ja dat zijn die anderen, die lelijke. Die heb ik niet meer.
[medeverdachte 2] : Acht
NNman: Dus uh… saffie is goed, ik geef je drie barkie, regel 760.
NNman: Wat zeg je!
NN: Ja, dan wel man. En hey en stuur [medeverdachte 8] naar Rotterdam. Ik heb die gast echt nodig. [152]
NN: Hé, ik ben aan het stickeren!
NN: Ja man
[medeverdachte 3] : ja, ja.
[medeverdachte 7] : ja, gewoon wat je kan!! Wat kan!! Geen probleem, geef dat maar, ongeacht hoeveel.
[medeverdachte 7] : Ja.
[medeverdachte 2] : Ja man, maar niet genoeg.
[naam 15] : 15
[medeverdachte 2] : Geen stress, ik ga nu even dat regelen, daarna even wachten op die chappie. En dan uh.., weet ik nog niet man.
3.Feitelijke vaststellingen onderzoek vanaf 30 januari 2019
4.Verklaringen verdachte
5.Beoordeling verklaringen verdachte
6.Redengevende bevindingen hof
- De bankbiljetten vallend onder de indicatieven EUA0050 C00111, EUB0020 J00004b en EUB0050 J00004b werden op de aangetroffen productielocatie aan de [adres 1] te [plaats 1] gedrukt door [medeverdachte 3] .
- Op deze productielocatie werd essentiële hard- en software (Lenovo laptop met daarop bestanden) aangetroffen. Van de laptop kan worden vastgesteld dat deze gedurende een periode van ruim zeven maanden meermalen gebruik heeft gemaakt van het wifinetwerk van verdachte [medeverdachte 8] .
- Uit baken- en zendmastgegevens blijkt dat (de telefoons van) [medeverdachte 8] (vanaf 17 november 2017), [medeverdachte 7] (vanaf 17 november 2017) [medeverdachte 6] (op 22 september 2018) en [medeverdachte 5] (op 6 en 7 november 2018), al dan niet tezamen, in de directe nabijheid worden getraceerd van de productielocatie op de [straat 1] . Dit betreft bovendien in het merendeel van de gevallen momenten dat geconstateerd wordt dat de auto van [medeverdachte 7] in de buurt van de productielocatie staat geparkeerd.
- In de periode van 15 januari 2016 tot en met 3 december 2018 is door [medeverdachte 8] (vier keer), [medeverdachte 7] (zeven keer) [medeverdachte 6] (een keer) [medeverdachte 5] (vier keer) [medeverdachte 1] (vijf keer) en [verdachte] (twee keer) geld overgemaakt naar Chinese personen. Van de meeste van deze personen kan worden vastgesteld dat zij gekoppeld zijn aan Chinese bedrijven die zich bezig houden met de verkoop van papier en hologrammen, zijnde goederen die kunnen worden gebruikt ten behoeve van het vervaardigen van valse bankbiljetten. Ten aanzien van de twee overboekingen die verdachte heeft gedaan overweegt het hof dat van één overboeking kan worden vastgesteld dat dit een persoon betreft die is gekoppeld aan een Chinees bedrijf dat hologramstickers en papier verkoopt. Bij de andere overboeking die verdachte heeft gedaan geldt dat zijn medeverdachte [medeverdachte 1] een dag na verdachte een overboeking van nagenoeg hetzelfde bedrag heeft gedaan naar dezelfde persoon.
- Op klantenpassen op naam van [medeverdachte 8] , [medeverdachte 7] en [bedrijf 1] wordt in de periode van 5 april 2016 tot en met 7 januari 2019 voor in totaal € 39.099,57 aan goederen zoals papier, cartridges, postzegels en adreslabels aangeschaft bij de Staples/New Office Center. Uit het dossier blijkt dat zowel [medeverdachte 8] , [medeverdachte 7] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 6] en [medeverdachte 4] aankopen doen. Vastgesteld kan worden dat zij daarbij vanaf november 2017 telkens gebruik maken van klantenpassen op naam van [bedrijf 1] . In veel voorkomende gevallen kan van met name [medeverdachte 7] worden vastgesteld dat hij na het doen van aankopen een bezoek brengt aan de productielocatie op de [adres 1] te [plaats 1] .
- Op verscheidene valse bankbiljetten met het indicatief EUA0050 C00111 die zowel in het binnenland als het buitenland zijn aangetroffen, zijn dactyloscopische sporen gevonden van [medeverdachte 7] (november 2015) en [medeverdachte 2] (in de periode van 28 november 2016 tot en met 29 januari 2019).
- Uit verschillende onderscheppingen in het buitenland blijkt dat valse bankbiljetten vallend onder het indicatief EUA0050 C00111 onder andere via enveloppen met daarin wenskaarten/ansichtkaarten met daartussen de valse bankbiljetten naar het buitenland werd verzonden. Op 13 september 2018 wordt door [medeverdachte 7] en [medeverdachte 5] een partij wenskaarten van 15.000-18.750 stuks aangekocht.
- Uit onderzoek van Europol en de Nederlandse politie blijkt dat valse bankbiljetten vallend onder het indicatief EUA0050 C00111 onder meer via het Darkweb en via Telegram accounts [account 1] en [account 2] worden aangeboden.
- Via de aanbieder [account 1] komt een pseudokoop op 6 november 2018 tot stand. De verkoper blijkt [verdachte] te zijn.
- Via de aanbieder [account 2] komt op 9 november 2018 een pseudokoop tot stand. De valse bankbiljetten die worden aangekocht blijken te vallen onder het indicatief EUA0050 C00111.
- Op 21 november 2018 belt [medeverdachte 8] achter een uit China afkomstig pakket aan van 55 kilogram papier. Op 22 november 2018 wordt het pakket bezorgd. [medeverdachte 8] en [medeverdachte 7] zijn tijdens de bezorging in de directe omgeving van de afleverlocatie. Resten van dit pakket worden nadien aangetroffen op de productielocatie aan de [adres 1] .
- Uit de OVC- en tapgesprekken - in samenhang bezien met overige bewijsmiddelen - komt het volgende naar voren. [medeverdachte 7] spreekt over de productie, kwaliteit, kosten en verkoop van valse bankbiljetten. Met [medeverdachte 8] spreekt hij op 20 november 2018 over het postpakket uit China. [medeverdachte 8] spreekt over productie en kwaliteit van de valse bankbiljetten en levering van onderdelen/grondstoffen. [medeverdachte 7] spreekt uitgebreid met [medeverdachte 6] over de kwaliteit van de valse bankbiljetten en het optimaliseren van het productieproces. [medeverdachte 7] noemt hem ‘de kleurspecialist’. [medeverdachte 7] praat ook met [medeverdachte 3] over productie van de valse bankbiljetten, over de kleur en de kwaliteit. Verder spreken [medeverdachte 7] en [medeverdachte 6] over de verdeling van de ‘markt’ tussen [medeverdachte 7] en [medeverdachte 8] (1/3), [medeverdachte 4] en [medeverdachte 6] (1/3) en een ‘Hollander’ (1/3). In de OVC gesprekken praten [medeverdachte 7] en [medeverdachte 8] verder over de ‘plaatjes’ van [medeverdachte 4] die [medeverdachte 8] heeft en die [medeverdachte 7] kan ophalen. Ook praat [medeverdachte 7] over het ‘stickeren’ door [medeverdachte 4] . [medeverdachte 7] praat meermalen met anderen over [medeverdachte 8] in de context van vals geld. [medeverdachte 7] praat ook over [account 1] . Uit de OVC-gesprekken komt verder naar voren dat [medeverdachte 7] prijsafspraken oplegt aan [medeverdachte 4] waarvoor [medeverdachte 4] tenminste de bankbiljetten moet verkopen. [medeverdachte 4] spreekt over [medeverdachte 8] en [medeverdachte 6] in de context van de handel in vals geld. [verdachte] en [medeverdachte 2] praten over valse bankbiljetten.
- Op een telefoon, toebehorend aan [medeverdachte 8] , worden negen opgeslagen Chinese nummers aangetroffen. [medeverdachte 8] verklaring hieromtrent heeft het hof hiervoor als niet geloofwaardig beoordeeld. Van vier van deze nummers kan worden vastgesteld dat deze zijn afgegeven aan Chinese bedrijven die onder andere hologrammen, papier en inkt produceren. Met al deze bedrijven is in 2018 daadwerkelijk telefonisch contact geweest.
- Ook worden in een telefoon van [medeverdachte 8] onder de opgeslagen contacten de telefoonnummers van alle medeverdachten aangetroffen, inclusief die van [medeverdachte 3] , over wie [medeverdachte 8] heeft verklaard hem niet te kennen.
- Op een andere telefoon van [medeverdachte 8] komt op 4 november 2018 een bericht binnen van een Chinees bedrijf dat hologrammen produceert.
- Ook wordt onder [medeverdachte 8] een PGP toestel in beslag genomen. Het is het hof ambtshalve bekend dat met PGP telefoons worden gebruikt om versleutelde berichten mee te versturen.
- Op telefoons waarvan kan worden vastgesteld dat zij in gebruik waren bij verdachte, [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] worden chats/gesprekken aangetroffen waaruit blijkt dat de gebruikers van de telefoons handelen in vals geld. Uit tapgesprekken van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] blijkt eveneens van handel in vals geld.
- Tijdens doorzoekingen in de woningen van de verdachten worden verder de volgende relevante goederen aangetroffen:
- Bij [medeverdachte 8] worden nota’s van Staples aangetroffen.
- Bij [medeverdachte 7] wordt een groot aantal valse bankbiljetten van de indicatieven EUA0050 C00111, NLB0050 K00005 en NLB0020 K00011 aangetroffen. Ook bij [medeverdachte 6] , [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] , verdachte en [medeverdachte 2] worden valse bankbiljetten aangetroffen vallend onder een of meerdere van de betreffende indicatieven, al dan niet voorzien van een hologram. Deze valse biljetten zijn gedrukt op de productielocatie aan de [adres 1] te [plaats 1] .
- Bij [medeverdachte 4] , [medeverdachte 5] , verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] worden losse hologrammen aangetroffen.
- Bij [medeverdachte 7] , [medeverdachte 6] , verdachte en [medeverdachte 2] worden goederen ten behoeve van het productieproces aangetroffen: respectievelijk cartridges, papier in verschillende wittinten, papier met watermerken erop gedrukt lijkend op watermerken op een € 50,- biljet en gebruikte cartridges en een snijtafel.
- Bij [medeverdachte 6] , [medeverdachte 5] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] worden goederen ten behoeve van de verkoop/distributie aangetroffen: enveloppen, bubbelenveloppen, (ansicht)kaarten, adreslabels en/of postzegels.
7.Overwegingen met betrekking tot feiten 4, 1, 2 en 3
hij op meerdere momenten in de periode van 15 mei 2017 tot en met 30 januari 2019 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk bankbiljetten van 20 Euro en 50 Euro heeft nagemaakt, telkens met het oogmerk om die bankbiljetten als echt en onvervalst te doen uitgeven;
hij op meerdere momenten in de periode van 15 mei 2017 tot en met 30 januari 2019 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk bankbiljetten van 20 Euro en 50 Euro, die verdachte en/of zijn mededaders zelf hebben nagemaakt, met het oogmerk om ze als echt en onvervalst te doen uitgeven, telkens zich heeft verschaft en in voorraad heeft gehad en heeft vervoerd;
hij op 30 januari 2019 te [plaats 1] , opzettelijk een hoeveelheid papier en hologrammen en vijf vellen papier met een watermerk sterk gelijkend op een watermerk van een 50 Euro biljet voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte wist dat deze bestemd waren tot het namaken of vervalsen van bankbiljetten;
hij in de periode van 15 mei 2017 tot en met 30 januari 2019 te [plaats 1] , heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] en [medeverdachte 6] en [medeverdachte 7] en [medeverdachte 8] en [medeverdachte 1] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, bestaande uit het vervaardigen en in omloop brengen van valse bankbiljetten.
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 3 (drie) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn/haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.