Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter in Groningen. Het hoger beroep was beperkt tot het feit van mishandeling op 20 juni 2018 waarbij aangever werd geraakt door een deur die verdachte met kracht sloeg.
Het hof heeft het bewijs opnieuw gewogen, waaronder een beeld- en geluidsopname van het incident. De verklaringen van aangever en getuige verschilden van de waarnemingen van het hof bij het bekijken van deze opname. Hierdoor ontstond gerede twijfel over de toedracht en het daadwerkelijk plegen van mishandeling.
Het hof sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde mishandeling. De straf voor de andere bewezen feiten werd door het hof vastgesteld op 30 dagen gevangenisstraf onvoorwaardelijk, met aftrek van voorarrest. De door de rechtbank opgelegde bijzondere voorwaarden en de schadevergoedingsmaatregel werden niet overgenomen vanwege de vrijspraak.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van het hof op 8 oktober 2021, waarbij een van de raadsheren niet kon medeondertekenen. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd voor zover het mishandeling betreft en in zoverre opnieuw recht gedaan.