De terbeschikkinggestelde was in beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank Gelderland die de terbeschikkingstelling met een jaar verlengde. Het hof heeft de stukken bestudeerd, waaronder psychiatrische rapporten, adviezen van de reclassering en eerdere uitspraken.
De onafhankelijke psychiater concludeerde dat de stoornissen milder zijn geworden en het recidiverisico laag is. De reclassering adviseerde aanvankelijk verlenging vanwege het recidiverisico en het belang van beschermende factoren, maar recente aanvullende informatie toonde positieve ontwikkelingen en een laag recidiverisico.
Het hof oordeelde dat de veiligheid van anderen geen verlenging vereist en dat de terbeschikkinggestelde inmiddels zelfstandig functioneert met een vaste baan en zonder incidenten. Het verzoek tot verlenging werd daarom afgewezen, waarmee de maatregel eindigt.
De beslissing van de rechtbank werd vernietigd en de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling werd afgewezen. Het vonnis werd op 15 juli 2021 in het openbaar uitgesproken.