Partijen zijn in 2003 in Syrië gehuwd en hebben twee kinderen. De rechtbank Gelderland sprak de echtscheiding uit en bepaalde kinderalimentatie, partneralimentatie en vermogensrechtelijke afwikkeling. De man is in hoger beroep gekomen tegen de alimentatie en vermogensafwikkeling. Het hof oordeelt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft voor alimentatie en dat Nederlands recht van toepassing is op alimentatie, terwijl Syrisch recht geldt voor vermogensrechtelijke afwikkeling.
De man stelde dat zijn schulden en collegegeld zijn draagkracht verminderen, maar het hof oordeelt dat hij zijn schulden met spaargeld kan voldoen en voldoende draagkracht heeft voor de alimentatie. De partneralimentatie eindigt per 1 mei 2021 vanwege samenwonen van de vrouw. De man vorderde ook betaling van de helft van belastingtoeslagen en terugbetaling van €7.000 spaargeld, maar het hof wijst deze af omdat de schuld aan de belastingdienst alleen op zijn naam staat en de gezamenlijke bankrekening als eenvoudige gemeenschap geldt.
Het hof bekrachtigt de rechtbanksbeslissingen over kinderalimentatie en partneralimentatie tot 1 mei 2021, vernietigt de partneralimentatie vanaf die datum, wijst de vermogensrechtelijke verzoeken af en compenseert de proceskosten in hoger beroep.