ECLI:NL:GHARL:2021:6936
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel afgewezen
In deze ontnemingszaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 14 juli 2021 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen een eerdere beslissing van de rechtbank Noord-Nederland. De rechtbank had vastgesteld dat de betrokkene een bedrag van €23.389,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel had genoten en een terugbetalingsverplichting opgelegd. De betrokkene was echter in de strafzaak waarin deze vordering was gebaseerd vrijgesproken.
Het hof heeft het hoger beroep behandeld op 30 juni 2021 en heeft de vordering van de advocaat-generaal gehoord, die stelde dat dezelfde beslissing als de rechtbank moest worden genomen. De betrokkene en zijn raadsman hebben hun standpunt toegelicht tijdens de terechtzitting.
Uiteindelijk heeft het hof geoordeeld dat de vordering tot ontneming niet kan worden toegewezen nu de betrokkene is vrijgesproken van het strafbare feit waarop de vordering was gebaseerd. Daarom vernietigt het hof de eerdere beslissing en wijst het de vordering af.
De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, en is op 14 juli 2021 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Uitkomst: De vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel wordt afgewezen vanwege vrijspraak van de betrokkene.