ECLI:NL:GHARL:2021:587
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens ontbreken van grieven tegen strafvonnis
De verdachte stelde hoger beroep in tegen het vonnis van de politierechter van 12 november 2018. Tijdens de terechtzitting van 7 januari 2021 heeft het hof kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal tot veroordeling van verdachte tot een taakstraf of subsidiair hechtenis.
Het hof heeft onderzocht of het hoger beroep ontvankelijk is. Uit de appelschriftuur blijkt dat het hoger beroep zich uitsluitend richt op de ontnemingsmaatregel en niet op het strafvonnis zelf. Omdat de verdachte geen grieven tegen het strafvonnis heeft geformuleerd en het hof ook geen redenen ziet voor inhoudelijke behandeling, is het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Het hof verklaart de verdachte daarom niet-ontvankelijk in het hoger beroep en bevestigt daarmee het vonnis van de politierechter zonder inhoudelijke beoordeling van de strafzaak.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven tegen het strafvonnis.