De betrokkene werd bij beschikking gesanctioneerd voor het negeren van een rood verkeerslicht op 31 maart 2018 te Gouda. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene tegen deze sanctie ongegrond. De betrokkene voerde aan dat de verklaring waarop de sanctie was gebaseerd geen ambtsedige verklaring was en ontkende door rood te zijn gereden.
Het hof stelde vast dat de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) niet vereist dat een sanctie gebaseerd moet zijn op een ambtsedig proces-verbaal. De sanctie kan ook steunen op andere gegevens, mits deze niet worden betwist of twijfel oproepen. De ambtenaren hadden geen direct zicht op het verkeerslicht voor de betrokkene, maar controleerden de werking van de verkeersregelinstallatie en bevestigden dat de lichten correct functioneerden.
De technische gegevens van de verkeersregelinstallatie, verstrekt door de beheerder, toonden aan dat het onmogelijk was dat het licht voor de ambtenaren en dat voor de betrokkene gelijktijdig op groen stond. Dit leidde tot de conclusie dat de betrokkene door rood reed. Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.