ECLI:NL:GHARL:2021:3410
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vonnis wegens schending procesorde door onvoldoende betekeningstermijn
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland vernietigd. De reden hiervoor is dat de dagvaarding slechts een halve dag voor de terechtzitting was betekend, waardoor de wettelijke termijn van tien dagen niet in acht werd genomen. Verdachte ontkende afstand te hebben gedaan van deze termijn, en het hof oordeelde dat de rechtbank ten onrechte verstek had verleend.
Het hof stelde vast dat de korte betekeningstermijn de mogelijkheid van verdachte om zijn aanwezigheidsrecht uit te oefenen onvoldoende waarborgde. Gezien de aard van de verdenking en de omvang van het dossier was het niet redelijk dat verdachte zich adequaat kon voorbereiden en verdedigen. De rechtbank had de zitting moeten schorsen in plaats van verstek te verlenen.
Daarom vernietigde het hof het vonnis en wees de zaak terug naar de rechtbank Midden-Nederland voor een nieuwe behandeling met inachtneming van de juiste betekeningstermijn en procesorde. Dit arrest werd uitgesproken op 10 februari 2021 door de meervoudige kamer van het hof te Leeuwarden.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor een nieuwe behandeling met inachtneming van de wettelijke dagvaardingstermijn.