Uitspraak
Overwegingen:
Beslissing
[terbeschikkinggestelde].
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De terbeschikkinggestelde was in beroep gegaan tegen een beslissing van de rechtbank Gelderland die hem alsnog van overheidswege wilde laten verplegen. De terbeschikkinggestelde en zijn raadsvrouw stelden dat deze maatregel disproportioneel was en dat er onvoldoende aanwijzingen waren voor een bedreiging van de veiligheid van anderen. Tevens werd aangevoerd dat de terbeschikkinggestelde zijn behandelplafond had bereikt en verdere acties in samenspraak met de reclassering konden worden opgepakt.
Het openbaar ministerie vorderde juist dat het bevel van de rechtbank bekrachtigd zou worden. Echter, het hof had in een gelijktijdige zaak met hetzelfde onderwerp reeds besloten dat de terbeschikkinggestelde alsnog van overheidswege moest worden verpleegd en de maatregel met twee jaar werd verlengd.
Gezien deze situatie oordeelde het hof dat het openbaar ministerie geen belang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van de vordering in deze zaak. Daarom vernietigde het hof de bestreden beslissing en verklaarde het openbaar ministerie niet ontvankelijk in de vordering tot verpleging van 6 oktober 2020.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet ontvankelijk verklaard in de vordering tot het alsnog verplegen van de terbeschikkinggestelde.