ECLI:NL:GHARL:2021:3333
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Anjewierden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sanctiebeschikking wegens onjuiste toepassing staandehouding bij controle in burger
De betrokkene kreeg een sanctie van €140 opgelegd voor het handelen in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 RVV 1990) op 1 november 2016. De sanctie werd aan de kentekenhouder opgelegd omdat de ambtenaar in burgerkleding een prostitutiecontrole uitvoerde en geen staandehouding verrichtte.
In hoger beroep betoogde de gemachtigde dat er wel degelijk een reële mogelijkheid tot staandehouding was, omdat het voertuig op het woonadres van de bestuurder stond en de ambtenaar zich kon legitimeren. Het hof oordeelde dat het enkele feit dat de controle in burgerkleding plaatsvond onvoldoende is om te concluderen dat staandehouding niet mogelijk was. De ambtenaar moet kort en concreet toelichten waarom staandehouding niet kon plaatsvinden.
Het hof vernietigde de beschikking en verklaarde het beroep gegrond. De sanctie aan de kentekenhouder was onterecht opgelegd omdat niet vaststaat dat staandehouding onmogelijk was. Daarnaast werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 934,50. De overige bezwaren werden niet meer behandeld.
Uitkomst: De sanctiebeschikking aan de kentekenhouder wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van het ontbreken van een reële mogelijkheid tot staandehouding.