ECLI:NL:GHARL:2021:11122
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak openlijke geweldpleging wegens ontbreken groepsgedraging bij steekincident
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Midden-Nederland, waarin verdachte werd beschuldigd van openlijke geweldpleging in vereniging op 8 augustus 2020 te Hoevelaken.
De tenlastelegging betrof het gezamenlijk plegen van geweld, waaronder het steken met een mes door een medeverdachte, en het leveren van een wezenlijke bijdrage daaraan door verdachte. De officier van justitie vorderde veroordeling, terwijl de verdediging pleitte voor vrijspraak omdat verdachte slechts aanwezig was en geen bijdrage leverde aan het geweld.
Na onderzoek en beoordeling van de bewijsmiddelen, waaronder verklaringen en camerabeelden, oordeelde het hof dat het steekincident door een ander dan verdachte niet als groepsgedraging kon worden aangemerkt. Verdachte was verspreid aanwezig en leverde geen wezenlijke bijdrage aan het geweld.
Het hof vernietigde het vonnis van de kinderrechter om proceseconomische redenen en sprak verdachte vrij van zowel het primair als subsidiair tenlastegelegde. Daarmee werd bevestigd dat er geen sprake was van openlijke geweldpleging door verdachte.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van openlijke geweldpleging wegens ontbreken groepsgedraging en onvoldoende bewijs van bijdrage aan geweld.