Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[geïntimeerde1] , en
[geïntimeerde2],
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De vaststaande feiten
3.De motivering van de beslissing in hoger beroep
4.De slotsom
1.649
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak gaat het om een geschil tussen appellant, een autosportbedrijf, en coureurs over de levering van een race-buggy en de betaling van huurkosten voor motoren.
De coureurs hadden een overeenkomst met appellant voor het bouwen en leveren van race-buggy’s en technische ondersteuning. Na het raceseizoen 2014 ontstond discussie over kosten, waaronder huurkosten van motoren die appellant had gehuurd van een derde partij, Zomer Motorentechniek B.V. De coureurs betaalden een deel van de kosten, maar appellant stelde dat nog een bedrag voor huurkosten openstond.
De rechtbank wees de tegenvordering van appellant af wegens rechtsverwerking en oordeelde dat de coureurs recht hadden op afgifte van de buggy of vervangende schadevergoeding. Het hof vernietigde dit vonnis, oordeelde dat de coureurs de huurkosten moesten betalen omdat deze niet in het loon van appellant waren begrepen en dat geen sprake was van rechtsverwerking. Hierdoor had appellant recht op retentierecht en hoefde geen schadevergoeding te betalen. De vorderingen van de coureurs werden afgewezen en zij werden veroordeeld tot betaling van de huurkosten, rente en proceskosten.
Uitkomst: De coureurs worden veroordeeld tot betaling van € 8.470 aan appellant en de vorderingen van de coureurs worden afgewezen.