ECLI:NL:GHARL:2020:8374
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens appelverbod bij bestuursstrafrechtelijke sanctiebeschikking
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter die een sanctiebeschikking op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) had vernietigd. De kantonrechter had de zaak behandeld op een zitting waarbij de betrokkene aanwezig was en had de zaak aangehouden om nadere stukken te overleggen. Na ontvangst van deze stukken vernietigde de kantonrechter de sanctiebeschikking zonder een vervolgzitting te houden.
De betrokkene klaagde in hoger beroep over het ontbreken van een vervolgzitting en het niet-beslissen op zijn verzoek om proceskostenvergoeding. Het hof overwoog dat het appelverbod van artikel 14 Wahv Pro onverkort geldt, tenzij sprake is van schending van het recht op toegang tot de rechter zoals neergelegd in artikel 6 EVRM Pro. Gezien de eerdere zitting en de mogelijkheid tot schriftelijke toelichting was de betrokkene niet in zijn belangen geschaad.
Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. Daarmee bevestigde het hof het appelverbod en de rechtmatigheid van de procedure bij de kantonrechter.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.