ECLI:NL:GHARL:2020:7544
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke sanctie parkeren camper in strijd met APV Den Haag
De betrokkene werd administratief beboet voor het parkeren van een camper hoger dan 2,4 meter op een door het college aangewezen plaats waar dit verboden is volgens artikel 5:8 van Pro de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van Den Haag. De betrokkene voerde in hoger beroep aan dat artikel 5:6 APV Pro, dat specifiek campers reguleert, een lex specialis is en dat de gemeente geen bevoegdheid heeft om het parkeerverbod voor campers te regelen omdat het RVV 1990 hierover niets bepaalt.
Het hof oordeelt dat artikel 5:6 en Pro 5:8 APV naast elkaar kunnen bestaan omdat niet alle recreatievoertuigen onder de criteria van artikel 5:8 vallen Pro. Het parkeerverbod voor grote voertuigen is geen lex generalis die artikel 5:6 uitsluit Pro. Het hof stelt vast dat de overtreding heeft plaatsgevonden op de Archimedesstraat, ondanks een kennelijke fout in het zaakoverzicht.
Verder wijst het hof het beroep af omdat de regeling niet arbitrair is en geen rechtsongelijkheid oplevert. De subjectieve criteria voor het uiterlijk aanzien van de gemeente zijn door het Uitvoeringsbesluit APV verduidelijkt. Ook is het volgens vaste rechtspraak toegestaan dat gemeenten parkeerregels voor campers en grote voertuigen opnemen in de APV, omdat het RVV 1990 hierin niet voorziet.
De beslissing van de kantonrechter wordt bevestigd en de administratieve sanctie blijft van kracht.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de bestuurlijke sanctie van €95 voor het parkeren van een camper hoger dan 2,4 meter op een verboden plek.