ECLI:NL:GHARL:2020:7531
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie wegens overlijden verdachte in hoger beroep
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep behandeld dat was ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank Noord-Nederland. Tijdens de terechtzitting op 7 september 2020 heeft het hof vastgesteld dat verdachte op 9 maart 2020 is overleden.
Door het overlijden van verdachte vervalt het recht van het openbaar ministerie tot strafvordering. Dit betekent dat het openbaar ministerie niet langer bevoegd is om de strafzaak voort te zetten. Op grond hiervan heeft het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte.
Het hof vernietigde het vonnis waarvan beroep en deed opnieuw recht door het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren. De beslissing werd genomen door de meervoudige kamer voor strafzaken en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 7 september 2020.
De zaak betreft een procedurele beslissing waarbij het overlijden van verdachte centraal staat en de gevolgen daarvan voor de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in het hoger beroep. De uitspraak betekent dat de strafzaak tegen de overleden verdachte niet verder kan worden voortgezet.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden van verdachte.