Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Doetinchem(hierna: de Inspecteur)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Vaststaande feiten
het koopcontract”. (…)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende had in 2008 een oude woning verkocht aan kopers die de financiering niet tijdig rond kregen, waardoor de juridische levering uitbleef. De kopers gingen vanaf begin 2009 in de oude woning wonen en stonden ingeschreven op dat adres. Belanghebbende verhuisde naar een nieuwe woning, maar liet het meubilair achter in de oude woning. In 2010 gaf belanghebbende in de belastingaangifte beide woningen op als eigen woning.
De Inspecteur corrigeerde de aftrek voor de oude woning omdat deze niet als eigen woning zou kwalificeren, met name omdat de situatie niet voldeed aan de voorwaarden voor leegstand met een kraakwacht. Belanghebbende stelde dat de kopers als kraakwacht in de oude woning verbleven om kraak te voorkomen, maar het hof oordeelde dat zij de woning volledig voor eigen gebruik hadden en niet onder de voorwaarden van een kraakwacht verbleven.
Het hof stelde vast dat de bewijslast bij belanghebbende lag en dat deze niet was geslaagd. De oude woning stond daarom niet leeg in de zin van de wet en kwalificeerde niet als eigen woning. Wel kende het hof een vergoeding van €500 toe voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het hoger beroep werd gegrond verklaard voor dit onderdeel, maar ongegrond voor de heffingsrente. Proceskosten en griffierechten werden aan belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep gegrond voor de vergoeding immateriële schade en wijst deze toe, maar verklaart het hoger beroep ongegrond voor de heffingsrente en bevestigt dat de oude woning niet als eigen woning kwalificeert.