Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
De tenlastelegging
zij in of omstreeks de periode van 1 mei 2018 tot en met 20 juni 2018 te [plaats] en/of te [plaats] en/of te [plaats] en/of te [plaats] en/of te [plaats] , althans (elders) in het arrondissement Noord Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- die [slachtoffer] onderdak en/of eten verschaft, terwijl die [slachtoffer] was weggelopen uit een instelling en/of (aldus) bewerkstelligd dat die [slachtoffer] van haar, verdachte en/of haar mededader(s) afhankelijk was en/of
- seks gehad met die [slachtoffer] en/of (vervolgens) gedreigd aan de moeder en/of familie van die [slachtoffer] te vertellen dat zij seks heeft gehad met een neger en/of
- die [slachtoffer] mee uit eten genomen en/of een telefoon en/of (dure) kleding voor die [slachtoffer] gekocht en/of
- die [slachtoffer] ondergebracht en/of laten verblijven in een woning om aldaar klanten voor prostitutie te ontvangen en/of
- (een) advertentie(s) op de website www.speurders.nl gemaakt en/of geplaatst, waarin die [slachtoffer] zich aanbood voor het verlenen van seksuele diensten tegen betaling en/of
- de telefoon opgenomen voor die [slachtoffer] en/of (vervolgens) afspraken gemaakt voor die [slachtoffer] met (potentiële) klanten voor prostitutie en/of
- een hotelkamer geboekt voor die [slachtoffer] om klanten voor prostitutie te ontvangen en/of
- die [slachtoffer] met de auto naar klanten voor prostitutie vervoerd en/of
- die [slachtoffer] instructies en/of prijsafspraken gegeven voor afspraken met klanten voor prostitutie en/of
- een (gedeelte) van het door die [slachtoffer] verdiende geld ingenomen en/of door die [slachtoffer] laten afstaan;
zij in of omstreeks de periode van 1 mei 2018 tot en met 20 juni 2018 te [plaats] en/of te [plaats] en/of te [plaats] en/of te [plaats] en/of te [plaats] , althans (elders) in het arrondissement Noord Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- die [benadeelde partij ] ondergebracht en/of laten verblijven in een woning om aldaar klanten voor prostitutie te ontvangen en/of
- (een) advertentie(s) op de website www.speurders.nl gemaakt en/of geplaatst, waarin die [benadeelde partij ] zich aanbood voor het verlenen van seksuele diensten tegen betaling en/of
- de telefoon opgenomen voor die [benadeelde partij ] en/of (vervolgens) afspraken gemaakt voor die [benadeelde partij ] met (potentiële) klanten voor prostitutie en/of
- een hotelkamer geboekt voor die [benadeelde partij ] om klanten voor prostitutie te ontvangen en/of
- die [benadeelde partij ] met de auto naar klanten voor prostitutie vervoerd en/of
- die [benadeelde partij ] instructies gegeven voor afspraken met klanten voor prostitutie en/of
- een (gedeelte) van het door die [benadeelde partij ] verdiende geld ingenomen en/of door die [benadeelde partij ] laten afstaan;
zij in of omstreeks de periode van 1 januari 2018 tot en met 9 oktober 2018, te [plaats] en/of te [plaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, een (aantal) voorwerp(en), te weten:
[medeverdachte 1] in of omstreeks de periode van 1 januari 2018 tot en met 8 oktober 2018, te [plaats] en/of te [plaats] , althans in Nederland, een (aantal) voorwerp(en), te weten: (een) geldbedrag(en) van (in totaal) 25.743,29 euro althans een hoeveelheid geld, (te weten contante stortingen op de bankrekening(en) ten name van haar, verdachte en/of haar zoon) heeft verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet, en/of van voornoemd(e) voorwerp(en) gebruik heeft gemaakt, terwijl die [medeverdachte 1] wist dat dat/die voorwerp(en) geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf,
Verweren in hoger beroep
– zakelijk weergegeven – op het volgende neer:
– voor zover hierna is vermeld en voor zover in hoger beroep van belang – de bewijsmotiveringen en de door de rechtbank gebezigde bewijsmiddelen [1] uit het vonnis over. Daarnaast zal het hof hieronder nader ingaan op enkele in hoger beroep herhaalde verweren.
Oordeel van de rechtbank
Nu de verklaringen over haar gestelde eigen werkzaamheden in de prostitutie en de inkomsten daaruit sterk wisselend zijn terwijl het gestelde op geen enkele wijze is onderbouwd, stelt het hof de stelling van verdachte omtrent deze inkomsten als onaannemelijk terzijde.
Bewijsmiddelen
De rechtbank past de volgende bewijsmiddelen toe die de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden bevatten zoals hieronder zakelijk weergegeven.
1. De door verdachte ter zitting van 27 juni 2019 afgelegde verklaring, voor zover inhoudend:
Ik heb op verzoek van [medeverdachte 1] seksadvertenties voor op Speurders.nl gemaakt voor twee meisjes die hij had leren kennen. Het ging om [slachtoffer] en [benadeelde partij ] . Ik heb de telefoon wel eens opgenomen als klanten belden voor een afspraak met een van hen. Ik wist dat [medeverdachte 1] de helft van de verdiensten van de meisjes kreeg.
2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 oktober 2018, opgenomen op pagina 391 (map 1) van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer NNRCCI8OI5-PALAZZO d.d. 25 januari 2019, inhoudend als relaas van verbalisanten:
3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor d.d. 11 oktober 2018, opgenomen op pagina 781 (map 3) van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van medeverdachte [medeverdachte 1] :
4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor d.d. 17 december 20 18, opgenomen op pagina 884 e.v. (map 3) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van medeverdachte [medeverdachte 1] :
.
5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor d.d. 11 oktober 2018, opgenomen op pagina 1034 e.v. (map 3) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van verdachte:
[medeverdachte 1] zei dat ze zo’n afspraak hadden gemaakt met elkaar.
6. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor d.d. 8 januari 2019, opgenomen op pagina 1144 e.v. (map 3) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van verdachte:
7. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor d.d. 19 oktober 2018, opgenomen op pagina 1278 e.v. (map 4) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van [benadeelde partij ] :
zij zat wel altijd in de auto en [verdachte] nam de telefoon op en sprak met de klanten.
8. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 november 2018, opgenomen op pagina 1345 e.v. (map 4) van voornoemd dossier, inhoudende als relaas van verbalisanten:
9. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor d.d. 20 juni 2018, opgenomen op pagina 1754 ex. (map 5) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van 1. [slachtoffer] :
10. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor d.d. 27 juni 2018, opgenomen op pagina 1799 e.v. (map 5) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van [slachtoffer] :
11. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor d.d. 9 juli 2018, opgenomen op pagina 1828 e.v. (map 5) van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van [slachtoffer] :
12. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van deelonderzoek witwassen d.d. 21 januari 2019, opgenomen op pagina 2017 (map 5) e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant(en):
Op de betaalrekening van de ING Bank ( [bankrekeningnummer] ) was voorts te zien dat er in de periode van 1 januari t/m 22 oktober 2018 totaal € 50.671.76 werd bijgeschreven.
Op de kinderrekening van de ING bank ( [bankrekeningnummer] ) bank was te zien dat er in de periode van 1 januari t/m 28 september 2018 totaal € 25.088.30 werd bijgeschreven.
Uit voornoemd gerelateerde feiten is gebleken dat er in 2018 op de rekeningen van de ING over de periode van 1 januari t/m 22 oktober 2018 totaal € 75.760,06 werd bijgeschreven, terwijl de legaal bekende inkomsten over de onderzoeksperiode totaal € 24.264,30 bedroegen.
Het verschil tussen de legaal bekende inkomsten van [verdachte] (€ 24.264,30) en het totaal aantal bijschrijvingen (€ 75.760,06) betreft volgens deze berekening totaal € 51.495,76.
Bewezenverklaring
zij in de periode van 1 mei 2018 tot en met 20 juni 2018 in het arrondissement Noord- Nederland, tezamen en in vereniging met een ander,
zij in de periode van 1 januari 2018 tot en met 9 oktober 2018, te [plaats] en te [plaats] , tezamen en in vereniging met een ander, een geldbedrag van in totaal 25.743,29 euro, te weten contante stortingen op de bankrekeningen ten name van haar, verdachte, en haar zoon heeft verworven, voorhanden gehad en overgedragen, terwijl zij wist dat die geldbedragen geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en/of maatregel
Opheffing van de voorlopige hechtenis
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij ]
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
- feit 1, onder A, eerste gedachtestreepje, waarin subonderdeel 2 van het eerste lid van artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht (Sr) is verwoord, te weten het werven, vervoeren etc.;
- feit 1, onder B, waarin subonderdeel 8 van het 1e lid van artikel 273f Sr is verwoord, te weten het voordeel trekken uit de seksuele handelingen van [slachtoffer] ;
- feit 2, onder A, eerste gedachtestreepje, waarin subonderdeel 2 van het 1e lid van artikel 273f Sr is verwoord, te weten het werven, vervoeren etc.;
- feit 2, onder B, waarin subonderdeel 8 van het 1e lid van artikel 273f Sr is verwoord, te weten het voordeel trekken uit de seksuele handelingen van [benadeelde partij ] .
gevangenisstrafvoor de duur van
24 (vierentwintig) maanden.
10 (tien) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 3 (drie) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn/haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
- dat verdachte verplicht is zich binnen vijf dagen volgend op haar ontslagdatum uit detentie te melden en zich gedurende de volledige proeftijd te blijven melden bij Reclassering Nederland, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
- dat verdachte zich gedurende de volledige proeftijd onder (ambulante) behandeling zal stellen van een door de reclassering aan te wijzen zorgverlener en dat zij zich daar zal laten behandelen op de tijden en plaatsen als door of namens die instelling vast te stellen, waarbij de veroordeelde zich zal houden aan de huisregels en aanwijzingen die de zorgverlener geeft in het kader van die behandeling.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij ]
€ 10.002,85 (tienduizend twee euro en vijfentachtig cent) bestaande uit € 2,85 (twee euro en vijfentachtig cent) materiële schade en € 10.000,00 (tienduizend euro) immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.