ECLI:NL:GHARL:2020:2540
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs bij gelijktijdige snelheidsmeting motorrijder
Verdachte werd beschuldigd van het rijden met een snelheid van ongeveer 95 km/u op een weg waar 60 km/u was toegestaan, wat een overschrijding van meer dan 30 km/u inhoudt. De snelheid werd vastgesteld met een mobiele trajectsnelheidsmeter over een afstand van 449 meter, waarbij meerdere motorrijders gelijktijdig werden gemeten.
De officier van justitie vorderde vernietiging van de vrijspraak van de kantonrechter en een geldboete of hechtenis. Verdachte voerde aan dat hij weliswaar te hard reed, maar niet in de mate zoals vastgesteld, en dat mogelijk de snelheid van een andere motorrijder was gemeten. Hij wees ook op onjuistheden in het proces-verbaal en het ontbreken van vermelding van andere motorrijders in de kopgroep.
Het hof constateerde dat het bewijs, waaronder het proces-verbaal en het aanvullende proces-verbaal, onvoldoende overtuigend was om het verweer van verdachte te weerleggen. De gelijktijdige meting van meerdere voertuigen en onduidelijkheden over de positie van de politievoertuigen leidden tot twijfel over de juistheid van de snelheidsmeting.
Daarom sprak het hof verdachte vrij van het ten laste gelegde en vernietigde het vonnis van de kantonrechter om opnieuw recht te doen. Tevens werd een eerder uitgevaardigde strafbeschikking vernietigd.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs van de snelheidsovertreding.