De verdachte was in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken, waarvan twee voorwaardelijk, wegens winkeldiefstal. In hoger beroep vernietigt het gerechtshof dit vonnis vanwege een andere bewijswaardering.
Het hof spreekt de verdachte vrij van de winkeldiefstallen gepleegd in maart 2019, omdat onvoldoende bewijs is dat zij een wegnemingshandeling heeft verricht. Voor de winkeldiefstal van een SD-kaart op 27 april 2019 acht het hof het wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte deze heeft weggenomen met het oogmerk zich die wederrechtelijk toe te eigenen.
De verdachte ontkende onbewust de SD-kaart in haar jaszak te hebben gestopt, maar het hof acht deze verklaring onaannemelijk. Gezien haar eerdere veroordeling voor winkeldiefstal en het taakstrafverbod legt het hof een gevangenisstraf van één week op. De vordering tot schadevergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de benadeelde partij zich niet opnieuw heeft gevoegd in hoger beroep.