Uitspraak
[appellant],
Worldsmile,
1.Het verloop van het geding
2.De vaststaande feiten
De vordering en de beslissing van de kantonrechter
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak vordert Worldsmile betaling van diverse facturen voor mondheelkundige zorg aan de minderjarige dochter van appellant. De kantonrechter wees de vordering toe tegen appellant, die in eerste aanleg verstek liet gaan, maar wees deze af tegen de andere ouder die verweer voerde. Appellant stelde in hoger beroep dat onduidelijk is wie de contractspartij is, omdat de facturen en aanmaningen verschillende namen vermelden zoals [B], Perfectsmile, Eurosmile en Worldsmile.
Het hof onderzocht de feiten en concludeerde dat de handelsnaam Perfect-Smile niet geregistreerd staat bij Worldsmile of Eurosmile en dat de AGB-code gekoppeld is aan Eurosmile. Er is geen deugdelijke onderbouwing dat Worldsmile zelf contractspartij is of gerechtigd tot inning van de vorderingen. Het enkele feit dat Worldsmile eigendom is van Eurosmile en [B] is onvoldoende.
Daarom vernietigt het hof het vonnis voor zover het appellant betreft en wijst de vorderingen af. Worldsmile wordt veroordeeld in de proceskosten van beide instanties. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De vorderingen van Worldsmile worden afgewezen wegens gebrek aan deugdelijke onderbouwing dat zij contractspartij is.