ECLI:NL:GHARL:2019:7270
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter wegens onjuiste termijninformatie zekerheidstelling Wahv
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens het niet tijdig stellen van zekerheid. De betrokkene voerde aan dat het bedrag op tijd was afgeschreven, maar de kantonrechter vond dat de zekerheid niet binnen de gestelde termijn was gesteld.
Volgens artikel 11, vierde lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) moet zekerheid worden gesteld binnen twee weken na de dag van verzending van de tweede mededeling. De betrokkene was echter onjuist geïnformeerd dat de termijn twee weken na de datum van de tweede brief liep.
Het hof constateerde dat deze onjuiste informatie tot gevolg had dat de betrokkene niet op juiste wijze op de termijn werd gewezen. Daarom vernietigde het hof de beslissing van de kantonrechter en wees de zaak terug naar de rechtbank Midden-Nederland, waarbij het hof in aanmerking nam dat inmiddels zekerheid was gesteld.
Uitkomst: Beslissing kantonrechter niet-ontvankelijkheid vernietigd wegens onjuiste termijninformatie, zaak terugverwezen naar rechtbank.