In deze civiele procedure over de omgangsregeling tussen een minderjarige en haar vader heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de gecertificeerde instelling (GI) Regiecentrum Bescherming & Veiligheid als belanghebbende aangemerkt in plaats van informant, gezien de doelen van de ondertoezichtstelling die sinds december 2018 van kracht is.
De moeder, die zonder advocaat is verschenen, frustreert ondanks professionele adviezen het contact tussen de vader en de minderjarige, zonder actuele argumenten te leveren. De GI heeft tot op heden geen zicht op de opvoedsituatie bij de moeder en kon het contact niet tot stand brengen vanwege het uitblijven van medewerking van de moeder.
Het hof acht het van belang dat de minderjarige haar vader leert kennen en bepaalt daarom een gefaseerde omgangsregeling onder begeleiding van de GI. De omgang start met een half uur per maand, waarbij de GI de datum, tijdstip en locatie bepaalt. De omgang kan worden uitgebreid tot onbegeleide omgang van eenmaal per veertien dagen twee uren, mits het belang van het kind dit toelaat.
De moeder wordt verplicht onvoorwaardelijk mee te werken aan de omgang. Het hof houdt de zaak aan en verzoekt de GI uiterlijk 28 februari 2020 verslag uit te brengen over het verloop van de omgang, waarna partijen kunnen reageren en het hof op de stukken zal beslissen.