ECLI:NL:GHARL:2019:6478
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beschikking tot teruggave van onterecht gelegd conservatoir beslag op personenauto
In deze zaak verzoekt klager om teruggave van een personenauto waarop conservatoir beslag is gelegd. Het beslag werd gelegd in het kader van een ontnemingszaak, waarbij reeds sinds 2008 beslag lag op vermogensbestanddelen van klager. Klager voert aan dat het leggen van aanvullend beslag na een tijdsverloop van tien jaar niet proportioneel is en in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde.
Het hof heeft vastgesteld dat klager de auto op afbetaling heeft gekocht en na beslaglegging nog steeds maandelijkse betalingen doet. Tevens is klager medisch afhankelijk van de auto vanwege ernstige rugklachten. De auto heeft een geringe economische waarde door hoge kilometerstand en gebreken, en zal vermoedelijk weinig opleveren bij executoriale verkoop.
Hoewel de rechter-commissaris een machtiging tot conservatoir beslag heeft afgegeven en er een bevoegdheid bestaat om beslag te leggen, oordeelt het hof dat het aanwenden van deze bevoegdheid in dit geval niet proportioneel is. Het beslag belemmert klager onnodig, terwijl het economisch nut van het beslag gering is.
Het hof verklaart het beklag gegrond en gelast de teruggave van de auto aan klager. Het openbaar ministerie heeft ter zitting geen aanvullende informatie verstrekt over de status of waarde van het voertuig. De beslissing is genomen met inachtneming van de beginselen van een behoorlijke procesorde.
Uitkomst: Het hof verklaart het beklag gegrond en gelast de teruggave van de personenauto aan klager wegens disproportioneel conservatoir beslag.