ECLI:NL:GHARL:2019:5495
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen raadsheer wegens locatiezitting Leeuwarden
Verzoekster heeft hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van de kantonrechter en vervolgens een wrakingsverzoek ingediend tegen raadsheer De Witt, omdat zij meende dat onvoldoende rekening was gehouden met haar belangen bij de keuze van de zittingslocatie in Leeuwarden.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van het recht op een onafhankelijke en onpartijdige rechter zoals vastgelegd in artikel 6 EVRM Pro en artikel 14 IVBPR Pro, en de wrakingsmogelijkheid uit artikel 8:15 Awb Pro. Uitgangspunt is dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij uitzonderlijke omstandigheden het tegendeel aantonen.
De wrakingskamer oordeelde dat de locatiekeuze voortvloeit uit een wettelijke bepaling (artikel 14 Wahv Pro) en geen rechterlijke beslissing betreft. Er waren geen feiten of omstandigheden die op vooringenomenheid wezen. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen.
De beslissing werd genomen door de wrakingskamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, bestaande uit drie leden, en openbaar uitgesproken op 1 juli 2019.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen raadsheer De Witt wordt afgewezen wegens gebrek aan rechterlijke beslissing en vooringenomenheid.